Het college kan, naast het bepaalde in artikel 15:1:26 UWO, indien
en voor zover het belang van de dienst zulks toelaat, aan een
ambtenaar op diens verzoek één of meer van de in de volgende
artikelen omschreven studiefaciliteiten toekennen indien:
met de opleiding/activiteit een gemeentelijk belang wordt
gediend en
de opleiding/activiteit door het college deugdelijk wordt
geoordeeld en
de opleiding/activiteit deel uitmaakt van het vastgestelde
opleidingsplan.
Een gemeentelijk belang wordt gediend door:
opleidingen/activiteiten die noodzakelijk zijn om de
ambtenaar goed te laten functioneren in zijn huidige
functie;
opleidingen/activiteiten die wenselijk zijn in het kader van
de ontwikkeling van de ambtenaar in zijn huidige functie of
een ontwikkeling die met de huidige functie samenhangt;
opleidingen/activiteiten die niet direct gericht zijn op de
tegenwoordige functie van de ambtenaar, maar gericht zijn op
een functie waarvoor de ambtenaar op een later tijdstip in
aanmerking kan komen en
andere door het college aan te wijzen opleidingen of
activiteiten.