Naar hoofdinhoud

Artikel 6:3

Scholing in het kader van persoonlijke belangstelling

Onderdeel van Regeling Opleidingsfaciliteiten (2013)

In een POP of ander HRM-gesprek worden ook opleidingsactiviteiten besproken gericht op de persoonlijke ontwikkelwensen van medewerkers. Persoonlijke ontplooiing en ontwikkeling zijn redenen om belangstelling te hebben voor een individuele opleidingsactiviteit die niet noodzakelijk is voor de huidige afdeling/functie (vakmanschap binnen de afdeling/huidige functie) en niet zijn gericht op de persoonlijke ontwikkeling (vakmanschap medewerker i.h.k.v. loopbaan/mobiliteit) dus niet valt onder 1 of 2. Bij deze scholing/opleiding is er sprake van een overheersend belang van de medewerker en deels organisatiebelang. Het belang voor de organisatie bestaat uit het feit dat het verwerven van kennis, de functie-uitoefening toch ten goede zal komen en dat er een motiverende werking van uit zal gaan. Ook draagt het bij aan het vergroten van de blijvende inzetbaarheid van de medewerker (binnen of buiten de organisatie). Daarnaast draagt het bij aan de doelstelling van “goed werkgeverschap” en de lerende organisatie. Om het organisatiebelang te garanderen, dient er echter wel verband te bestaan tussen de gewenste opleiding en de binnen de organisatie aanwezige functies. Deze opleidingsactiviteiten kunnen kort van aard zijn of een langer traject behelzen. Faciliteiten: Deze opleidingsactiviteiten worden voor 50% in geld en voor het volgen van lessen voor maximaal 7,2 uur per week in tijd (deeltijders tijd naar rato) gefaciliteerd. De facilitering in tijd, compensatie voor het volgen van lessen en/of toetsen, wordt gebaseerd op het les-/toetsrooster volgens opgave van het opleidingsinstituut. In bijzondere situaties kan deze basis-faciliteit (tijdelijk) nog worden uitgebreid (zie artikel 8) Ter voorbereiding op een (eind)examen/scriptieverdediging/deelkwalificatie/tentamen wordt 3,6 uur voorbereidingstijd (deeltijders naar rato) gefaciliteerd. Per kalenderjaar is dit in zijn geheel maximaal 10,8 uur (ook in geval van meerdere cursussen per jaar). Voor deze opleidingsactiviteiten geldt wel een terugbetalingsverplichting. Criteria: -de opleidingsactiviteit is niet noodzakelijk voor de huidige functie en hoeft niet volledig aan te sluiten op de organisatie- behoefte en op mobiliteit/loopbaanontwikkeling; -er dient verband te bestaan tussen de gewenste opleiding en de binnen de organisatie aanwezige functies.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel