Lid 1.
Het vijfde te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit de dagelijkse, gebruikelijke zorg voor in het huishouden aanwezige kinderen.
Lid 2.
Met het oog op het ook thuis mogelijk maken dat de dagelijkse gebruikelijke zorg kan worden verleend voor in het huishouden aanwezige kinderen, die nog niet voor zich zelf kunnen zorgen, kan (tijdelijk) een voorziening worden verleend, voor zover de ouders of huisgenoten geen gebruikelijke zorg kunnen leveren.
Lid 3.
Indien en voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van aanwezige en bruikbare voorliggende, algemeen gebruikelijke, algemene of collectieve voorzieningen, die in de individuele situatie van de belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld op geschiktheid om het in lid 1 bedoelde resultaat te bereiken.
Lid 4.
Voor zover de in het vorige lid genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt.
HOOFDSTUK 4. › Paragraaf 3.
Artikel 10.
Het ook thuis kunnen (laten) zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren
Onderdeel van WMO-verordening Zoetermeer 2013