Lid 1.
Het vierde te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het kunnen beschikken over schone kleding en ander noodzakelijk textiel.
Lid 2.
Met het oog op het beschikken over schone kleding en ander noodzakelijk textiel kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het wassen, drogen en strijken en opruimen van de dagelijkse was.
Lid 3.
Indien de belanghebbende één of meer huisgenoten heeft die in staat zijn werkzaamheden over te nemen, wordt dit eerst in het kader van gebruikelijke zorg beoordeeld als mogelijkheid om het in lid 1 bedoelde resultaat te bereiken.
Lid 4.
Indien en voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van aanwezige en bruikbare voorliggende, algemeen gebruikelijke, algemene of collectieve voorzieningen, die in de individuele situatie van de belanghebbende kunnen leiden tot het te bereiken resultaat worden deze mogelijkheden eerst beoordeeld op geschiktheid om het in lid 1 bedoelde resultaat te bereiken.
Lid 5.
Voor zover de in lid 3 en lid 4 genoemde mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt.
HOOFDSTUK 4. › Paragraaf 3.
Artikel 9.
Beschikken over schone kleding en ander noodzakelijk textiel
Onderdeel van WMO-verordening Zoetermeer 2013