Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6.

Artikel 20.

Advisering

Onderdeel van WMO-verordening Zoetermeer 2013

Lid 1. Het college is bevoegd om, voor zover dit van belang kan zijn voor de beoordeling van het recht op de aangevraagde voorziening, de aanvrager, of bij gebruikelijke zorg diens relevante huisgenoten: op te roepen in persoon te verschijnen op een door het college te bepalen plaats en tijdstip en hem te bevragen; op een door het college te bepalen plaats en tijdstip door een of meer daartoe aangewezen deskundigen te doen bevragen en/of onderzoeken. Lid 2. Het college vraagt een door hem daartoe aangewezen adviesinstantie om advies indien het college dat gewenst vindt. Lid 3. Een aanvrager is verplicht aan het college of de door het college aangewezen adviesinstantie die gegevens te verschaffen of te doen verschaffen die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de aanvraag. Lid 4. Bij de advisering zoals genoemd in het eerste lid wordt door de adviseur gebruik gemaakt van de systematiek zoals neergelegd in de International Classification of Functioning, Disabilitiy and Health, de zogenaamde ICF-classificatie.

Rechtspraak bij dit artikel