Het formuleren van de aspecten en de daarbij behorende
criteria waarop een plan beoordeeld wordt tezamen met het
vaststellen van de beleidsambitie voor specifieke gebieden,
zal moeten leiden tot meer objectiviteit en een duidelijk
toetsingskader voor de welstandscommissie. Voor de burger
ontstaat hiermee meer inzicht in de welstandstoetsing en
vooraf meer zekerheid over de haalbaarheid van zijn plannen.
De duidelijkheid die ontstaat met het vaststellen van de
beoordelingsaspecten en -criteria, en de openbare
besluitvorming die daaraan ten grondslag ligt, moeten de
welstandstoetsing een groter maatschappelijk draagvlak
geven.
De wettelijke basis van het welstandsadvies is verankerd in
artikel 12 van de Woningwet 2003. Dit artikel luidt: "Het
uiterlijk en de plaatsing van een bouwwerk of standplaats,
zowel op zichzelf als in verband met de omgeving of de te
verwachten ontwikkeling daarvan, mogen niet in strijd zijn
met redelijke eisen van welstand, beoordeeld naar de
criteria, bedoeld in artikel 12a, lid 1, onderdeel a".
Hieronder wordt artikel 12 toegelicht.
"uiterlijk en plaatsing"
Er dient niet alleen te worden gekeken naar de
vormgeving van het object, maar ook naar de situering: Staat
het op logische wijze op de kavel gesitueerd? Past de
plaatsing van het object in deze omgeving of in de
ontwikkeling van die omgeving?
"bouwwerk of standplaats"
Bij woonwagens is geen sprake van een bouwwerk in de zin van
de Woningwet. Toch is het plaatsen van een woonwagen van
invloed op de welstand. Daarom is 'standplaats' aan het
artikel toegevoegd. De situering en de inrichting van
bijvoorbeeld een woonwagen, zijnde een standplaats, vallen
door deze formulering toch binnen de reikwijdte van het
welstandsadvies.
"op zichzelf, in verband met de omgeving en de te
verwachten ontwikkeling daarvan"
De kern van welstandszorg ligt in het feit dat bouwen een
maatschappelijke daad is die het leven van anderen, de leef-
en werkomgeving, beïnvloedt. Het particuliere belang kruist
in Nederland vrijwel altijd het algemene of maatschappelijke
belang. Elke burger mag van de overheid verwachten dat zij
een zorgvuldige afweging van belangen maakt bij het verlenen
van vergunningen. Het is in het algemeen belang dat onze
leef- en werkomgeving een verzorgd en samenhangend karakter
vertoont. Vandaar dat de welstandsadvisering zich niet kan
beperken tot de verschijningsvorm van het bouwwerk op zich,
maar ook de relatie van dat bouwwerk met zijn omgeving dient
te onderzoeken. De invloed van bouwen op de omgeving is
bovendien vrijwel altijd van lange duur. Het is daarom ook
belangrijk een inschatting te maken van de te verwachten
ontwikkelingen van de omgeving. Ook de samenhang van
verschillende bouwplannen onderling moet kunnen worden
beoordeeld. Deze plannen vormen immers elkaars toekomstige
omgeving.
"redelijke eisen van welstand"
Met "redelijk" bedoelt de wetgever aan te geven dat plannen
getoetst worden op eisen die men redelijkerwijs mag
verwachten. Redelijk is dus geen absoluut begrip en heeft
niet de betekenis van "gemiddeld". Het is afhankelijk van de
omgeving en de te verwachten ontwikkeling daarvan, of de
eisen hoog, gemiddeld of laag zullen zijn. Zoals ook
verderop in de tekst zal worden uitgelegd, kan van een plan
dat zich onderscheidt van zijn omgeving in redelijkheid
verwacht worden dat het aan hoge architectonische en
stedenbouwkundige eisen voldoet. Het ambitieniveau wordt
door de ontwikkelaars van het bouwplan zelf immers al hoog
gelegd.
"beoordeeld naar de criteria, bedoeld in artikel
12a, lid 1, onderdeel a" Deze zinsnede is
toegevoegd aan de oorspronkelijke wetstekst, en vormt de
basis voor deze welstandsnota. Gemeenten worden hiermee
verplicht de criteria voor de welstandsadvisering vast te
leggen in een gemeentelijke beleidsnota. Artikel 12 a, lid
1, onderdeel a luidt immers: "De gemeenteraad stelt een
welstandsnota vast inhoudende beleidsregels waarin in ieder
geval de criteria zijn opgenomen die burgemeester en
wethouders toepassen bij hun beoordeling of het uiterlijk en
de plaatsing van een bouwwerk of standplaats, waarop de
aanvraag om bouwvergunning betrekking heeft, in strijd is
met redelijke eisen van welstand".
Uitsluiting van welstandstoezicht
Indien de gemeenteraad op grond van artikel 12 Ww
het voornemen heeft een gebied binnen de gemeente Veenendaal
of een categorie bouwwerken of standplaatsen uit te sluiten
van welstandstoezicht, dan neemt de raad dat besluit pas,
nadat:
op het voornemen inspraak is verleend conform de
vastgestelde gemeente inspraakverordening;
het advies van de welstandscommissie is
ingewonnen.
deel A › Paragraaf 4
Artikel 4.1
Wettelijke basis van het welstandsadvies
Onderdeel van Welstandsnota 2011