Bij onvoldoende bekwaamheid, geschiktheid of ijver van de ambtenaar kunnen burgemeester en wethouders bepalen dat ten aanzien van hem periodieke verhogingen van het salaris, als bedoeld in artikel 8, achterwege worden gelaten, met inachtneming van de "Richtlijnen Bezoldigingsbeleid Goes 1993".
Burgemeester en wethouders kunnen nadien bepalen dat de periodieke verhogingen, welke met toepassing van het eerste lid achterwege zijn gelaten, al dan niet met terugwerkende kracht, alsnog worden toegekend.
Van een beslissing tot toepassing van het eerste lid wordt de ambtenaar zo spoedig mogelijk, doch in elk geval voor de datum waarop anders de periodieke verhoging zou ingaan, schriftelijk mededeling gedaan, onder vermelding van de redenen welke tot de beslissing hebben geleid.
Hoofdstuk
Artikel 9
Niet toekennen periodieke verhoging van het salaris
Onderdeel van 40.1 Bezoldigingsregeling