Het gebruiken van het dienstvoertuig is primair voor het uitvoeren van de door de gemeente aan de medewerker opgedragen taken. Privégebruik van het dienstvoertuig is niet toegestaan, tenzij dit protocol anders bepaalt.
Indien het in het belang van de dienst noodzakelijk is het dienstvoertuig buiten werktijden op het woonadres van de gebruiker te stallen dan wordt woon-werkverkeer beschouwd als zakelijk verkeer. De desbetreffende gebruiker tekent een verklaring dat hij geen privé gebruik zal maken van het dienstvoertuig. In deze verklaring is een sanctiemogelijkheid opgenomen. Het college stelt ten behoeve hiervan een modelverklaring op.
Uitsluitend in het geval van een beschikbaarheiddienst en indien dit functioneel is in relatie tot de gestelde opkomsttijd is het toegestaan het dienstvoertuig voor privéritten te gebruiken tijdens de uren die de medewerker volgens het rooster beschikbaar moet zijn. Een dergelijk privégebruik is alleen toegestaan indien hiervoor toestemming is verleend door de directe leidinggevende.
Het dienstvoertuig mag alleen door de gebruiker zelf worden bestuurd. Per dienstvoertuig kunnen meerdere gebruikers worden aangewezen.
Gebruikers zullen bij het gebruik van het dienstvoertuig de nodige zorgvuldigheid betrachten en de integriteit en goede naam van de gemeente waarborgen.
Iedere gebruiker dient een sluitende ritten- en kilometeradministratie bij te houden. Dit vindt plaats door middel van een in het dienstvoertuig gemonteerde black box.
Wanneer het dienstvoertuig niet over een (functionerende) black box beschikt dient de gebruiker handmatig een sluitende ritten- en kilometeradministratie bij te houden.
Maandelijks wordt de ritten- en kilometeradministratie per dienstvoertuig gecontroleerd door of namens de leidinggevende.
Maandelijks wordt de ritten- en kilometeradministratie van de gebruikers als bedoeld in het tweede lid gecontroleerd door of namens de leidinggevende. Van de ritten- en kilometeradministratie van deze gebruikers wordt een uitdraai gemaakt waarop door de direct leidinggevende wordt aangegeven of en in welke mate de gereden kilometers als zakelijke kilometers aangemerkt dienen te worden. Deze documenten worden uit een oogpunt van mogelijke controles door de Belastingdienst bewaard bij de salarisadministratie. Het gestelde in artikel 5, lid 4, is van overeenkomstige toepassing op de medewerkers van de salarisadministratie.
Schade aan het dienstvoertuig dient door de gebruiker zo spoedig mogelijk en in ieder geval binnen 24 uur, gemeld te worden bij direct leidinggevende. In weekend en feestdagen dient dit te gebeuren bij de drager van de calamiteiten telefoon.
Boetes wegens verkeersovertredingen begaan met het ter beschikking gestelde dienstvoertuig komen voor rekening van de gebruiker.
Hoofdstuk
Artikel 3
Gebruik van dienstvoertuigen
Onderdeel van 45.3 Protocol gebruik dienstvoertuig en black box