Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Organisatorische voorwaarden

Onderdeel van 53.1 Organisatieverordening

De in artikel 1 genoemde uitgangspunten vertalen zich in de volgende organisatorische voorwaarden: Integraal management: De ondersteuning door de stafafdelingen vindt rechtstreeks plaats aan de sector, die de eindverantwoordelijkheid draagt voor de tot stand te brengen producten. De ondersteuning is gebaseerd op de samenwerkingsgedachte en gericht op het resultaat. Daarnaast hebben de stafafdelingen voor hun onderdeel een eigen professionele verantwoordelijkheid voor de algemene beleidslijnen en de samenhang in het beleid. De gemeentesecretaris stuurt de stafafdelingen aan. Ondersteuning: De ondersteuning door de stafafdelingen vindt rechtstreeks plaats aan de sector, die de eindverantwoordelijkheid draagt voor de tot stand te brengen producten. De ondersteuning is gebaseerd op de samenwerkingsgedachte en gericht op het resultaat. Daarnaast hebben de stafafdelingen voor hun onderdeel een eigen professionele verantwoordelijkheid voor de algemene beleidslijnen en de samenhang in het beleid. De gemeentesecretaris stuurt de stafafdelingen aan. Duidelijkheid in aansturing van activiteiten en output: Zowel de algemene taakstelling van ambtelijke eenheden als de opdrachtverstrekking voor specifieke projecten moeten helder en concreet zijn. Voor betekenisvolle projecten vindt in het aanvangsstadium bespreking plaats in het managementteam aan de hand van een plan van aanpak. Voor het bestaande beleid geldt de in de begroting vastgelegde output met het daaraan gekoppelde budget als doelstelling. Bijsturing: Door het verstrekken van informatie over de voortgang in de outputrealisatie worden mogelijkheden tot bijsturing geboden door middel van management- en bestuursrapportages. Uitdrukkelijk ook om de gelegenheid te bieden tot herallocatie, bijvoorbeeld voor zaken die eerder wegens ontoereikendheid van middelen niet voor uitvoering in aanmerking zijn gekomen. Duidelijkheid in verantwoordelijkheidsstructuur: Steeds is één bepaalde functionaris verantwoordelijk voor een opdracht, een project of een product en als zodanig aanspreekbaar, ook als bij de voorbereiding meerdere organisatie- onderdelen zijn betrokken. Ook de instelling van werk- of projectgroepen mag geen inbreuk maken op het principe van de aanspreekbaarheid van één functionaris. Deze functionaris is zo mogelijk gemandateerd budgethouder. Decentralisatie: De verstrekking van een opdracht behoort inhoudelijk in overeenstemming te zijn met het niveau van aansturing. Dit betekent dat de beschrijving van een opdracht begint op hoofdlijnen en op uitvoerend niveau wordt gedetailleerd. Taken en bevoegdheden worden in het kader van integraal management op die plaatsen in de organisatie gelegd waar zij functioneel zijn. Delegatie en mandatering geschieden (binnen de geldende rechtsregels) schriftelijk door het bevoegde orgaan. Informatievoorziening en verantwoording: De aan de sector gedelegeerde of gemandateerde (integrale) verantwoordelijkheid kan worden gekarakteriseerd als "vrijheid in gebondenheid". De sector dient de informatievoorziening zodanig in te richten dat een goede afstemming tussen de vraag naar prestaties, producten, diensten en de beschikbare middelen mogelijk is. Dezelfde informatievoorziening maakt het mogelijk periodiek verantwoording af te leggen over de geleverde prestaties, gerelateerd aan de verbruikte middelen. Deze verantwoording heeft ook betrekking op de aspecten doelmatigheid en kwaliteit. Inrichting van werkoverleg: Het periodieke werkoverleg binnen een organisatieonderdeel wordt gekenmerkt door een vaste frequentie en vaste deelnemers. Het werkoverleg vindt plaats aan de hand van een agenda. De resultaten van het overleg worden vastgelegd op een zodanige wijze dat medewerkers geïnformeerd worden over de gemaakte afspraken en de daarbij gestelde termijnen. De hogere leidinggevende ontvangt een afschrift van dat verslag. Naast dit werkoverleg vindt gestructureerd bilateraal overleg plaats tussen medewerker en direct leidinggevende. Marktconforme arbeidsvoorwaarden: De gemeente hanteert marktconforme primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden waardoor het mogelijk is om de slagkracht van het ambtelijk apparaat te handhaven en zo mogelijk te versterken. De gemeente wil voorts een werkgever zijn die de medewerkers perspectief biedt op een interessante loopbaan en op groeimogelijkheden. Functiewaardering blijft het uitgangspunt voor de koppeling van de salarisschaal aan de functie. Pijlers van het personeelsbeleid zijn: bezoldigingsbeleid, loopbaanbeleid, leeftijdbewust beleid, arbobeleid, flexibilisering, scholing, resultaatgericht belonen en arbeid en zorg. Pro-actieve instelling: Van het ambtelijk apparaat wordt een actieve instelling verwacht, waardoor de medewerkers in staat zijn zich steeds aan te passen aan veranderende omstandigheden. Bewonersparticipatie: De gemeente betrekt haar bewoners bij zaken die zij in de wijken en dorpen uitvoert en bij zaken die van invloed zijn op de leefbaarheid in die wijken en dorpen. De gemeente stimuleert het actief meedenken, meepraten en uitvoeren door bewoners. De manier waarop en het tijdstip wanneer bewoners worden benaderd is geregeld in de participatieladder. Bewoners worden uitgenodigd zich te organiseren in een bewoners- of als werkgroep om als gesprekspartner en klankbord te fungeren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel