De ambtenaar behoudt het salaris en de schriftelijk vastgelegde salarisaanspraken verbonden aan zijn functie, die hij tot op het moment van plaatsing vervult. Ook de ambtenaar, die niet in een functie van gelijk functioneel schaalniveau kan worden ingepast en een functie aanvaardt met een lager functioneel schaalniveau, behoudt deze aanspraken.
Het eerste lid is eveneens van toepassing bij wijziging van een functie door aanvulling met passende of geschikte werkzaamheden.
Voor de ambtenaar, die wordt geplaatst in een lager gewaardeerde functie en wiens salaris op het moment van plaatsing hoger is dan het maximaal bereikbare salaris in de nieuwe functie, blijft de oude salarisschaal in de vorm van een persoonlijke inschaling alsmede een eventuele persoonlijke toelage gelden.
Wanneer aan de ambtenaar in het salarisniveau dat op de dag voorafgaande aan de organisatiewijziging aan zijn oorspronkelijke functie is verbonden, nog salarisnummers kunnen worden toegekend, zullen deze verhogingen onder voorwaarde van normaal goed functioneren op hiervoor geldende tijdstippen - voor zover zij het maximumsalaris van de nieuwe functie te boven gaan - worden gegarandeerd. Dit geldt eveneens voor het aan de oude functie verbonden functionele en eventuele uitloopniveau. Algemene salarisherzieningen blijven echter onverkort van toepassing.
De eventuele toelagen, niet zijnde persoonlijke en/of (oude) garantietoelagen, worden indien noodzakelijk - ingaande de dag van organisatiewijziging overeenkomstig artikel 3:9 in een periode van vier jaar afgebouwd met 25% per jaar van het oorspronkelijke bedrag van de toelage. Toelagecomponenten verbonden aan de nieuwe functie zullen op de (oude) toelagen in elk geval in mindering worden gebracht. Het nieuwe bruto salaris (vanaf de dag van organisatiewijziging) inclusief toelagen kan nooit hoger zijn dan het oude bruto salaris (voor de dag van organisatiewijziging) inclusief toelagen.
Voor de ambtenaar die in een functie wordt ingepast, zal overeenkomstig de bepalingen van de van toepassing zijnde bezoldigingsverordening en het vastgestelde bezoldigingsbeleid van de gemeente, na de definitieve waardering van de functie in een hogere salarisschaal, bij gebleken voldoende functioneren in de hogere salarisschaal met terugwerkende kracht tot de datum van organisatiewijziging of eventuele latere benoeming horizontaal worden ingepast. Persoonlijke toelagen worden zo veel als mogelijk in de hogere salarisschaal geïncorporeerd.