1.De accountant is bevoegd tot het opnemen van alle kassen, waardepapieren
envoorraden en het inzien van alle boeken, notulen, brieven,
computerbestanden enoverige bescheiden, waarvan inzage voor de
accountantscontrole nodig is. Het collegedraagt er zorg voor dat de
accountant voor de uitvoering van zijncontrolewerkzaamheden een onbelemmerde
toegang heeft tot alle kantoren,magazijnen, werkplaatsen, terreinen en
informatiedragers van de gemeente.
2.De accountant is bevoegd om van alle ambtenaren mondelinge en
schriftelijkeinlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor de
uitvoering van zijn opdrachtdenkt nodig te hebben. Het college draagt er
zorg voor, dat de desbetreffendeambtenaren hieraan hun medewerking
verlenen.
3.Het college draagt er zorg voor, dat alle organisatie-eenheden van de
gemeente zijngehouden de accountant alle informatie te verstrekken, opdat de
accountant zich eenjuist en volledig oordeel kan vormen over de rechtmatige
totstandkoming van baten,lasten, balansmutaties en het gevoerde beheer en
over de getrouwheid van de daarover
verstrekte informatie.
Artikel 5.