1.Het college kan de door de raad benoemde accountant opdracht geven tot
hetuitvoeren van specifieke werkzaamheden met betrekking tot de
rechtmatigheid, dedoelmatigheid en de doeltreffendheid voor zover de
onafhankelijkheid van deaccountant daarmee niet in het geding komt. Het
college informeert de raad voorafover deze aan de accountant te verstrekken
opdrachten.
2.Het college draagt de zorg voor de uitvoering van het beleid betreffende
de specifiekeuitkeringen volgens de eisen van rechtmatigheid van de
ministeries. Het college isvoor de controle van de rechtmatige besteding van
specifieke uitkeringen bevoegd deopdracht te verlenen aan een andere dan de
door de raad benoemde accountant, indiendit in het belang van de gemeente
is.
3.Het college draagt de zorg voor de verantwoording aan derden
(Belastingdienst, ABP,Sociale verzekeringsbank, CBS, e.d.) en neemt hierbij
de gestelde controle-eisen inacht. Indien een deel van deze vereisten moet
worden uitgevoerd door een accountant,is het college bevoegd hiervoor de
opdracht te verlenen aan een andere dan de door de
raad benoemde accountant, indien dit in het belang van de gemeente is.
Artikel 6.