Binnen de handhavingstaken van de politie kan een onderscheid worden gemaakt tussen de toezichthoudende taken en opsporingstaken. Zo zal er door de basispolitiezorg vanuit de wijk toezicht plaatsvinden die in eerste instantie gericht is op het signaleren, voorkomen en bestrijden van overlast en andere misstanden in de direct omgeving van de seksinrichting. Opsporing en toezicht inzake vergunning, vergunningsvereisten, vreemdelingenwetgeving en zedenaspecten wordt in eerste instantie verricht door zedenrechercheurs van de Regiopolitie Utrecht. In de APV zijn als toezichthouders voor de naleving van de APV – waaronder regels inzake het prostitutiebeleid – aangewezen de opsporingsambtenaren zoals bedoeld in artikel 142, sub b Wetboek van Strafvordering zijnde de politie en de GGD (zie artikel 141a APV). Daarnaast zijn met het toezicht op de naleving van de, binnen zijn functie van toepassing zijnde regelgeving belast, de ambtenaren van Bouw-en Woningtoezicht en de ambtenaren van de Brandweer Nieuwegein respectievelijk de Regionale Brandweer Utrecht. Bij de Regiopolitie Utrecht is per 1 februari 2000 het ‘Team Commerciële Zedenzaken’ actief. Dit zijn gespecialiseerde politiemensen op het betreffende beleidsterrein. Zij zullen o.a. controle en toezicht voor hun rekening nemen. In dat verband zullen zijn minimaal 1 keer per maand de betreffende bedrijven bezoeken. Van hun bevindingen wordt halfjaarlijks –en indien noodzakelijk per geval- gerapporteerd.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.3