**1.** De subsidie bestaat uit de volgende grondslagen:
a. een basisbedrag van € 2.275,-- per korps;
b. een bedrag van € 45,-- per bespeeld instrument per jaar;
c. een bedrag van € 20,-- per uniform per jaar;
d. een bijdrage van 40% in de kosten van het honorarium van de dirigent(en) / instructeur(s) per jaar tot een maximum van € 4.000,--;
e. een bijdrage van 40% in de opleidingskosten van leerlingen muzikale en speltechnische vorming aan de Zeeuwse Muziekschool of gelijkwaardig muziekonderwijs tot een maximum van € 2.000,--;
f. een bijdrage van maximaal € 525,-- per jaar in de kosten van deelname aan nationale kampioenswedstrijden of concoursen, welke onder auspiciën en reglementering van de landelijke en/of provinciale koepelorganisatie of branchevereniging, waarbij de betreffende instelling is aangesloten, worden gehouden. Dit subsidie wordt bepaald aan de hand van de door het korps ingezonden begroting met bijgevoegd verzoek, alsmede een kopie van de uitnodiging, welke hiervoor door het betreffende korps is ontvangen.
**2.** Op de onder art. 31, lid 1 genoemde bedragen gelden de volgende uitzonderingen:
a. een afdeling uitmuntendheid (3e divisie) krijgt 105% van deze bedragen gesubsidieerd;
b. een ereafdeling (2e divisie) krijgt 110% van deze bedragen gesubsidieerd.
**3.** Artikel 3, zesde lid van de Nadere regels is niet van toepassing op dit artikel.
Titeldeel 1 › Hoofdstuk 7
Artikel 31