Vanaf het moment dat het ontwerp van het te nemen besluit tot
vaststelling van een gemeentelijke archeologische waardenkaart als
bedoeld in artikel 2, eerste lid ter inzage ligt overeenkomstig
artikel 3:11 van de Algemene wet bestuursrecht, en tot het moment
dat het besluit genomen is, is artikel 3 op de daarin opgenomen
archeologisch belangrijke plaatsen en archeologische
verwachtingsgebieden van overeenkomstige toepassing.
HOOFDSTUK 2
Artikel 5
Verbodsbepaling verstoring bij ontwerpbesluit
Onderdeel van Archeologieverordening Ridderkerk 2013