**1..** Recht op langdurigheidstoeslag op grond van de wet en deze verordening heeft de belanghebbende die:
tijdens de referteperiode een laag inkomen heeft;
op de peildatum dan wel de aanvraagdatum geen in aanmerking te nemen vermogen, zoals bedoeld in de wet, heeft;
geen zicht heeft op inkomensverbetering.
**2..** Geen langdurigheidstoeslag wordt toegekend wanneer belanghebbende in de referteperiode:
een maatregel opgelegd heeft gekregen wegens een gedraging van de 4de categorie; of
een maatregel opgelegd heeft gekregen wegens tekort schietend besef van verantwoordelijkheid; of
op grond van het zeer ernstig misdragen tegenover het college of zijn ambtenaren een maatregel opgelegd heeft gedragen; of
door toepassing van de bestuurlijke boete een maatregel opgelegd heeft gekregen wegens het verlies van een passende en toereikende voorliggende voorziening; of
op grond van schending van de inlichtingenplicht, hetgeen geleid heeft tot een benadelingsbedrag, een bestuurlijke boete opgelegd heeft gekregen.
Hoofdstuk 1
Artikel 2
Recht op langdurigheidstoeslag
Onderdeel van VERORDENING LANGDURIGHEIDSTOESLAG WWB 2013