Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 10.

Indeling in categorieën

Onderdeel van Maatregelenverordening WWB, IOAW en IOAZ gemeente Midden-Delfland 2013

Gedragingen van belanghebbende in het kader van re-integratie, waardoor een verplichting op grond van de artikelen 9, 9a, 44a, 55 en/of 57 WWB, respectievelijk artikelen 37 en 38 IOAW of IOAZ niet of onvoldoende is nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën: Eerste categorie: het zich niet of niet tijdig als werkzoekende laten registreren bij het UWV Werkbedrijf of het niet tijdig laten verlengen van die registratie. Tweede categorie: het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling; het niet of in onvoldoende mate nakomen van een verplichting als bedoeld in artikel 57 WWB. Derde categorie: het niet naar vermogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen of te aanvaarden; het niet dan wel onvoldoende meewerken aan het opstellen, uitvoeren en evalueren van het plan van aanpak als bedoeld in artikel 44a WWB. Daarbij kan tevens horen het tenminste van gezien tekenen van het plan van aanpak; het niet of in onvoldoende mate gebruikmaken van een door het college aangeboden voorziening gericht op arbeidsparticipatie als bedoeld in artikel 9, lid 1 onderdeel b, en artikel 10, lid 1 WWB respectievelijk artikelen 36, lid 1 en 37, lid 1 onderdeel e IOAW of IOAZ, waaronder begrepen sociale activering; en waaronder eveneens begrepen activiteiten die deel uitmaken van een inburgeringstraject zoals bedoeld in de Wet Inburgering (WI) en alle daarmee samenhangende wetgeving, voor zover deze activiteiten vallen onder een door het college in het kader van de wet aangeboden voorziening; en waaronder tevens begrepen door de gemeente geïnitieerde educatieve activiteiten; het niet tijdig, ten minste voor gezien ondertekenen van een re-integratieovereenkomst, opgesteld door de gemeente of een door de gemeente aangewezen re-integratiepartner; stellen van onredelijke eisen ten aanzien van het verrichten van algemeen geaccepteerde arbeid, die het aanvaarden of verkrijgen hiervan belemmeren; andere gedragingen die de (arbeids-)participatie belemmeren; intrekking van de ontheffing van de sollicitatieplicht bij een alleenstaande ouder aan wie toepassing van artikel 9a, lid 1, van de WWB of artikel 38, lid 1 IOAW of IOAZ is gegeven en waarbij uit houding en gedrag ondubbelzinnig blijkt, dat de opgelegde verplichtingen als bedoeld in artikel 9, lid 1 onderdeel b WWB of artikel 37, lid 1 onderdeel e IOAW of IOAZ niet worden nagekomen; het onvoldoende nakomen van de verplichtingen zoals bedoeld in artikel 9, eerste lid WWB, of artikel 55 WWB voor zover het gaat om een persoon jonger dan 27 jaar, gedurende 4 weken na de melding zoals bedoeld in artikel 43, vierde en vijfde lid WWB. Dit geldt ook in die gevallen dat de jongere als onderdeel van een gezin, waarvan een of meerdere gezinsleden ouder zijn dan 27 jaar, een beroep doet op bijstand; het niet of in onvoldoende mate nakomen van een verplichting als bedoeld in artikel 55 WWB, zoals het niet onderwerpen aan een door een arts geadviseerde noodzakelijke medische behandeling; het niet, dan wel niet tijdig voldoen aan een oproep om in verband met arbeidsinschakeling op een aangegeven plaats en tijd te verschijnen. Vierde categorie: het niet aanvaarden, het door eigen toedoen verspelen, of niet behouden van algemeen geaccepteerde arbeid, waaronder begrepen gesubsidieerde arbeid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel