Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel B046

Recidive

Onderdeel van Richtlijnen Bijstand

Het college van burgemeester en wethouders, Gelet op de artikelen 8, eerste lid, onderdeel b, en 18, tweede lid, Wet werk en bijstand (WWB) B e s l u i t Vast te stellen de gewijzigde invulling van richtlijn B046 Recidive Artikel I Richtlijn B046 wordt als volgt ingevuld: De duur van een maatregel wordt verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit waarbij een maatregel wordt opgelegd, opnieuw schuldig maakt aan een als maatregelwaardig aangemerkte gedraging en deze tweede gedraging leidt tot een verlaging met eenzelfde of hoger percentage. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, tweede lid, van de Maatregelenverordening of een schriftelijke waarschuwing, bedoeld in artikel 11, derde lid, en artikel 13, tweede lid, van de Maatregelenverordening. Recidive kan slechts een keer worden toegepast. Indien de belanghebbende na een tweede verwijtbare gedraging wederom herhaald verwijtbaar gedrag vertoont, dient de verlaging in plaats van een verdubbeling van de duur bij recidive, individueel vastgesteld te worden op basis van de ernst van het feit en de gedraging en de mate van verwijtbaarheid (artikel 2, tweede lid, van de Maatregelenverordening). Artikel II De gewijzigde richtlijn treedt in werking op de eerste dag na de bekendmaking daarvan in het Gemeenteblad en werkt terug tot en met 1 juli 2012. Met ingang van deze datum wordt de eerder op 21 juni 2011 vastgestelde richtlijn ingetrokken. Aldus vastgesteld in de vergadering van 6 november 2012, De secretaris, De Voorzitter, (mr. G.J.C. Kusters) (H.J. Mak) Bekend gemaakt op: 8 november 2012

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel