1. Het college biedt uiterlijk 15 juni van het begrotingsjaar een
voorjaarsnota aan over de kaders voor het volgende begrotingsjaar en de
drie opvolgende jaren. In deze voorjaarsnota worden de bevindingen
betrokken uit de rapportage van de begrotingsuitvoering genoemd in
artikel 7 en de jaarstukken genoemd in artikel 8. Daarnaast bevat de
voorjaarsnota een voorstel voor het beleid, de prioriteiten in de
programma’s en de financiële kaders voor het volgende begrotingsjaar en
de drie opvolgende jaren.
2. Het college neemt in de begroting en voorjaarsnota op al het beleid,
met financiële gevolgen, waartoe de raad heeft besloten.
3. De raad stelt de voorjaarsnota uiterlijk 15 juli vast
Uitvoering
Titeldeel 2
Artikel 4