**1..** In de verordening is geregeld voor welke voorzieningen een Pgb kan worden verstrekt.
**2..** Bij verstrekking van een Pgb voor hulpmiddelen is de ondersteuningsaanvrager vrij om te kiezen voor een willekeurige leverancier. Echter burgemeester en wethouders bepalen de hoogte van het Pgb aan de hand van de goedkoopst adequate voorziening zoals die kan worden geleverd door de in artikel 2.2 lid 1 genoemde leveranciers.
**3..** Voor reparaties aan het hulpmiddel die niet kunnen worden bekostigd uit het Pgb, kan de ondersteuningsaanvrager een verzoek voor vergoeding van de kosten indienen bij de gemeente.
**4..** Het Pgb voor hulp bij het huishouden wordt halfjaarlijks verstrekt. Controle en eindafrekening van het Pgb geschiedt conform het heronderzoeksplan (art. 7.3).
Voor bepaling van de hoogte van het Pgb voor hulp bij het huishouden geldt onderstaande tabel:
Bedrag PGB per uur
HBH 1
Bedrag PGB per uur
HBH2
Bij inzet professionele hulp:
€ 20,80
€ 23,00
Bij inzet geen professionele hulp:
€ 12,55
€ 14,00
**5..** Het Pgb voor woonvoorzieningen (niet zijnde bouwkundige en woontechnische woonvoorzieningen), vervoersvoorzieningen en rolstoelen kan worden verstrekt in één keer (koop-Pgb) of per maand (lease-Pgb).
De volgende voorwaarden worden gesteld aan een koop-Pgb:
Het te verstrekken Pgb geldt voor de periode die gelijk is aan de technische levensduur van de voorziening (afschrijvingstermijn van 7 jaar);
Het te verstrekken Pgb is inclusief de standaardaanpassingen;
Voor individuele aanpassingen wordt een Pgb verstrekt ter hoogte van de daadwerkelijke kosten;
Het Pgb moet worden besteed aan de kosten die betrekking hebben op het compenseren van de beperkingen waarvoor men is geïndiceerd;
Indien het Pgb betrekking heeft op individuele aanpassingen bij vervoersvoorzieningen en rolstoelen dan kunnen de kosten voor een individuele aanpassing slechts worden vergoed indien de voorziening niet is afgeschreven en de voorziening zonder de nieuwe aanpassing niet adequaat is;
Indien een goedkopere voorziening wordt aangeschaft, wordt het Pgb beperkt tot de aankoopprijs van de gekochte voorziening;
Indien nadat de afschrijftermijn is verstreken, de voorziening nog in goede staat verkeert, wordt geen nieuw Pgb verstrekt;
Van de ondersteuningsvrager wordt verwacht dat hij zorgvuldig met de voorziening omgaat en onnodige schade en slijtage voorkomt;
De ondersteuningsaanvrager dient zelf zorg te dragen voor een aansprakelijkheidsverzekering voor schade die door het gebruik van de voorziening aan derden kan ontstaan;
Indien de ondersteuningsaanvrager niet gedurende de gehele termijn waarbinnen de voorziening wordt afgeschreven recht heeft op de voorziening, wordt het Pgb van de ondersteuningsvrager teruggevorderd tot het bedrag waarvoor de afschrijftermijn nog niet verstreken is. Hiermee wordt het risico voor het gebruik van het Pgb bij de ondersteuningsvrager gelegd;
Wanneer de fysieke situatie van de ondersteuningsvrager verslechtert, dient de ondersteuningsvrager zich altijd te melden bij de gemeente voor een eventueel vervangend middel;
Indien de ondersteuningsvrager niet gedurende de gehele termijn waarbinnen de voorziening wordt afgeschreven, op adequate wijze gebruik kan maken van de voorziening, wordt het Pgb van de ondersteuningsvrager teruggevorderd tot het bedrag waarvoor de afschrijftermijn nog niet verstreken is. Hiermee wordt het risico voor het gebruik van het Pgb bij de ondersteuningsbehoevende gelegd.
De volgende voorwaarden worden gesteld aan een lease-Pgb:
Het te verstrekken Pgb geldt voor de periode dat er recht bestaat op de voorziening;
Voor individuele aanpassingen wordt een Pgb verstrekt ter hoogte van de daadwerkelijke kosten;
Het te verstrekken Pgb is inclusief de standaardaanpassingen;
Het Pgb moet worden besteed aan de kosten die betrekking hebben op de voorziening waarvoor men is geïndiceerd;
Indien het Pgb betrekking heeft op individuele aanpassingen bij vervoersvoorzieningen en rolstoelen dan kunnen de kosten voor een individuele aanpassing slechts worden vergoed indien de voorziening niet is afgeschreven en de voorziening zonder de nieuwe aanpassing niet meer adequaat is;
Indien een goedkopere voorziening wordt geleasd, wordt het Pgb aangepast tot de daadwerkelijke leaseprijs van de voorziening;
Van de ondersteuningsaanvrager wordt verwacht dat hij zorgvuldig met de geleasde voorziening omgaat en onnodige schade en slijtage voorkomt;
Indien de ondersteuningsvrager niet gedurende de gehele termijn waarbinnen de voorziening wordt afgeschreven recht heeft op de voorziening, wordt de leaseconstructie beëindigd;
Het periodiek Pgb moet worden besteed aan de kosten die betrekking hebben op het compenseren van de beperkingen waarvoor men geïndiceerd is;
Wanneer de fysieke situatie van de ondersteuningsvrager verslechtert, dient de ondersteuningsvrager zich altijd te melden bij de gemeente voor een eventueel vervangend middel;
Indien de ondersteuningsvrager niet gedurende de gehele termijn waarbinnen de voorziening wordt geleasd, op adequate wijze gebruik kan maken van de voorziening, wordt het Pgb van de ondersteuningsvrager beëindigd;
Indien de ondersteuningsvrager langdurig wordt opgenomen in een ziekenhuis, een verpleeghuis of in het buitenland dient hij/zij daarvan zo snel mogelijk melding van te maken bij de gemeente. De gemeente zal beoordelen of de opname moet leiden tot het onderbreken van het Pgb. Gedacht moet worden aan een opname van langer dan drie maanden.
**6..** Het Pgb voor woonvoorzieningen (zijnde bouwkundige en woontechnische woonvoorzieningen) wordt in één keer verstrekt.
De volgende voorwaarden worden gesteld aan een éénmalig Pgb:
Het Pgb moet worden besteed aan de kosten die betrekking hebben op het compenseren van de beperkingen waarvoor men is geïndiceerd;
Indien een goedkopere voorziening wordt aangeschaft wordt het Pgb beperkt tot aanschafprijs van de gekochte voorziening;
Van de ondersteuningsvrager wordt verwacht dat hij zorgvuldig met de voorziening omgaat en onnodige schade en slijtage voorkomt;
Wanneer er een Pgb wordt verstrekt voor traplift wordt een afschrijftermijn van 10 jaar gehanteerd voor de traplift;
Indien de ondersteuningsvrager niet gedurende de gehele termijn waarbinnen de traplift wordt afgeschreven recht heeft op de traplift of de traplift wordt binnen de afschrijftermijn verwijderd uit de woning, wordt conform onderstaande tabel een gedeelte van de aanschafprijs van de traplift teruggevorderd;
Afschrijftermijn
Terug te vorderen percentage
van aanschafprijs:
0 t/m 3 jaar
70%
4 t/m 7 jaar
40%
8 t/m 10 jaar
10%
Wanneer de fysieke situatie van de ondersteuningsvrager verslechtert, dient de ondersteuningsvrager zich altijd te melden bij de gemeente voor een eventueel vervangend middel en/of inname van bestaande voorziening als deze niet meer voldoet.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.3
Persoonsgebonden budget (Pgb)
Onderdeel van Beleidsregels individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Nuenen c.a. 2014