Indien een belanghebbende door één gedraging zich schuldig maakt aan
schending van meerdere verplichtingen die elk op zich tot een
verlaging op grond van deze verordening dienen te leiden, wordt voor
het bepalen van de hoogte en de duur van de op te leggen verlaging
uitgegaan van de gedraging waarop de zwaarste verlaging is
gesteld.
Indien een belanghebbende zich tegelijkertijd schuldig maakt aan
verschillende gedragingen die elk op zich tot het opleggen van een
verlaging dienen te leiden, wordt de hoogte en de duur van de op te
leggen verlaging bepaald met inachtneming van artikel 21, tweede lid
en artikel 26, zesde lid.
HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.1
Artikel 27
Eéndaadse en meerdaadse samenloop
Onderdeel van Verordening wet investeren in jongeren Gemeente Capelle aan den IJssel 2010