**1..** Van de inkomsten en uitgaven van het openbaar lichaam wordt door het
dagelijks bestuur over elk dienstjaar verantwoording afgelegd aan
het algemeen bestuur, onder overlegging van de conceptjaarrekening
met daarbij behorende bescheiden. Het dagelijks bestuur voegt
daarbij een verslag van bevindingen van de accountant(s)
overeenkomstig artikel 213 van de Gemeentewet.
**2..** Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar
volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft.
**3..** Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de
vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende
op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan de raden
van de deelnemende gemeenten, aan het Regionaal College en aan
Gedeputeerde Staten.
**4..** Behoudens later in rechte gebleken onregelmatigheden, ontlast de
vaststelling van de jaarrekening de leden van het dagelijks bestuur
ten aanzien van het daarin verantwoorde financieel beheer.
**5..** In de jaarrekening wordt -overeenkomstig de in de desbetreffende
begroting opgenomen verdeelsleutel- het door elk van de
onderscheidenlijke rechtspersonen over het desbetreffende jaar
werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen.
Hoofdstuk 10.
Artikel 10.5.
Jaarrekening
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Brabant-Noord