1.. Aan de vergunning kunnen voorschriften worden verbonden.

2.. De voorschriften kunnen slechts betrekking hebben op:

  • - de bescherming van de openbare orde;
  • - de bescherming van de bodem;
  • - de bescherming van de volksgezondheid;
  • - de voorkoming van gevaar, schade of hinder;
  • - de verkeersveiligheid en goede doorstroming van het verkeer;
  • - het verschaffen van nadere informatie;
  • - de bescherming en ongestoorde exploitatie van naburige kabels en leidingen;
  • - de afstemming met andere werken;
  • - de verzekering van de toestand waarin het tracé na voltooiing van het werk moet worden opgeleverd;
  • - het behoud van de integriteit van de leiding;
  • - de bepaling van het tijdstip waarop de feitelijke werkzaamheden aan de leiding mogen of moeten beginnen;
  • - het tijdschema voor de aanleg, wijziging, verlegging of verwijdering van de leiding;
  • - de bepaling van onderhoudsverplichtingen;
  • - het tracé waar de leiding moet worden gelegd en gehouden.