Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Weigeringsgronden vergunning of ontheffing

Onderdeel van Verordening openbaar vaarwater 2006

1.. De vergunning of ontheffing kan in ieder geval worden geweigerd indien: in geval van een woonschip: de aanvrager niet is een natuurlijk persoon van tenminste 18 jaar, en tevens eigenaar van het schip; in geval van een bedrijfsschip: de aanvrager niet is een natuurlijk persoon van tenminste 18 jaar danwel de rechtsgeldige vertegenwoordiger (directeur) van een rechtspersoon, en tevens eigenaar van het schip; de aanvrager zich niet deugdelijk kan legitimeren als eigenaar van het schip en/of het schip niet deugdelijk kan identificeren; het maximale aantal ligplaatsvergunningen of ontheffingen voor het kanaalvak waarvoor de vergunning of de ontheffing wordt gevraagd, reeds is verleend; behoudens ontheffing van burgemeester en wethouders, en in geval van een bedrijfsschip met uitzondering van de insteekhavens, de afstand tot de naastgelegen (woon)schepen minder dan 5 meter bedraagt; het bedrijfschip waarvoor ontheffing wordt gevraagd zal worden gebruikt voor andere activiteiten dan in artikel 1 onder g is aangegeven; op het in de aanvraag genoemde schip het in artikel 6 lid 3 genoemde verbod van toepassing is (kwetsbaarheid); niet wordt voldaan aan krachtens artikel 5 vastgestelde nadere regels; ingeval van een woonschip: de aanvrager al een vergunning voor een andere ligplaats heeft; 1º - indien verzocht wordt toepassing te geven aan artikel 12 (overdraagbaarheid) , eerste lid, maar de aanvrager niet kan aantonen dat voor het (te vervangen) schip waarvoor de ligplaatsvergunning of -ontheffing geldt, een andere vergunning of ontheffingkan worden verkregen danwel het schip blijvend buiten het openbaar vaarwater wordt gebracht; 2º - hetzij verzocht wordt om toepassing te geven aan artikel 12, derde lid, maar de aanvrager, zijnde de koper van het schip waarvoor de ligplaatsvergunning of -ontheffing geldt, niet middels overlegging van een koopovereenkomst kan aantonen dat hij de nieuwe eigenaar van het schip is; het innemen van de ligplaats in strijd is met het geldende bestemmingsplan; het schip waarvoor vergunning of ontheffing wordt gevraagd, niet past binnen de maximale maatvoeringsbepalingen zoals opgenomen onder artikel 7; het innemen van de ligplaats met een bepaald type schip in strijd is met het bepaalde in artikel 20 (beschermd stadsgezicht); het schip waarvoor vergunning wordt gevraagd, verwaarloosd is; er sprake is van een samenstel van meerdere schepen. 2.. Lid 1 onder a alsmede i van dit artikel is niet van toepassing voor instellingen werkzaam in het belang van de volkshuisvesting, zoals omschreven in artikel 70 Woningwet woningbouwcorporaties) welke hun hoofdkantoor hebben in de gemeente Groningen; die zich bezighouden met de ontwikkeling van de woonschepenhaven en voor zover het gaat om vergunningen voor het innemen van ligplaatsen in de woonschepenhaven. 3.. Het vorige lid is van toepassing tot de herinrichting van de woonschepenhaven zijn beslag heeft gekregen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel