In deze regeling wordt verstaan onder:
- - mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen;
- - volmacht: de bevoegdheid om namens de gemeente als publiekrechtelijke rechtspersoon rechtshandelingen te verrichten;
- - machtiging: de bevoegdheid, om namens een bestuursorgaan of de gemeente als publiekrechtelijke rechtspersoon, handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;
- - mandaatgever: het bestuursorgaan dat aan een bij functie in het mandaatregister genoemde functionaris de bevoegdheid geeft om in naam van het bestuursorgaan besluiten te nemen;
- - gemandateerde: de functionaris, die van de mandaatgever de bevoegdheid heeft gekregen om in naam van de mandaatgever besluiten te nemen;
- - plaatsvervanger: de daartoe aangewezen functionaris;
- - mandaatregister: een overzicht waarin per wet/verordening is aangegeven welke functionaris bevoegd is en onder welke voorwaarden;
- - mandaatbesluit: het mandaatregister en mandaatreglement gezamenlijk, daar waar in het mandaatbesluit gesproken wordt over mandaat wordt tevens machtiging of volmacht bedoeld tenzij hiermee wettelijke bepalingen geschonden worden;
- - mandaatreglement: reglement met spelregels over hoe om te gaan met verkregen mandaten, volmachten en machtigingen, hoe vervanging geregeld is, wie mandaten mag intrekken en hoe het bijbehorend register actueel wordt gehouden.