- - Ieder lid heeft in de vergadering van het algemeen bestuur één stem.
- - Het tot stand komen van een besluit bij stemming vereist de volstrekte meerderheid van hen die een stem hebben uitgebracht, tenzij in deze regeling anders is bepaald.
- - De artikelen 31 en 32 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing,
onverminderd het bepaalde in artikel 136 van de wet.