Naar hoofdinhoud
1.. De belastingplichtige die niet binnen zes maanden na afloop van het belastingjaar of kalenderjaar is uitgenodigd tot het doen van aangifte of aan wie niet binnen zes maanden na afloop van het belastingjaar of kalenderjaar een aanslag is opgelegd, is gehouden binnen één maand na afloop van die zes maanden bij de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar een schriftelijk verzoek in te dienen om te worden uitgenodigd tot het doen van aangifte. 2.. Voor aangifte van precariobelasting wordt vastgesteld het formulier dat in overeenstemming is met de in bijlage PB1 bij de uitvoeringsregeling gemeentelijke belastingen opgenomen model.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel