Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 7.

Urgentie in verband met een medische noodzaak

Onderdeel van Uitvoeringsbesluit Regionale Huisvestingsverordening Stadsregio Amsterdam 2013

1.. Geen urgentieverklaring wordt afgegeven aan de aanvrager die deze aanvraagt vanwege een lichamelijke aandoening en/of een psychische stoornis tenzij kan worden aangetoond dat de betreffende aandoening en/of stoornis chronisch is en overwegend wordt veroorzaakt door de woonsituatie, dan wel dat de behandeling van de aandoening/stoornis in hoge mate ongunstig wordt beïnvloed door de woonsituatie. 2.. Een aanvrager wordt alleen geacht te verkeren in de toestand als bedoeld in lid 1, wanneer dit ten genoegen van het college blijkt uit verklaringen van professionele medische, psychiatrische en/of sociale hulpverleners, waarin de betreffende aandoening of stoornis wordt benoemd, die een relatie heeft met het woonprobleem van de aanvrager. 3.. Indien wordt overwogen vanwege een chronische psychische stoornis eenurgentieverklaring af te geven kan aan de aanvrager de voorwaarde worden opgelegd dat hij psychiatrische begeleiding aanvaardt en daarmee voorafgaand aan hetafgeven van de urgentie schriftelijk akkoord gaat. Indien de aanvrager weigert vooraf schriftelijk akkoord te gaan met de voorgestelde begeleiding, wordt geen urgentieverklaring afgegeven.

Rechtspraak bij dit artikel