Gehuwden, als bedoeld in artikel 3 van de wet, komen alleen in
aanmerking voor het persoonlijk minimabudget, als beide partners aan
alle voorwaarden voor toekenning van het persoonlijk minimabudget
voldoen.
Als één van de gehuwden op grond van de wet is uitgesloten van het
recht op bijstand, heeft de ander, als deze aan alle voorwaarden
voor toekenning van het persoonlijk minimabudget voldoet, recht op
het persoonlijk minimabudget naar de norm van een alleenstaande, dan
wel, als er sprake is van een of meerdere kinderen, van een
gezin.
Als één van de gehuwden in een inrichting verblijft, is op het gezin
de norm van artikel 6, eerste lid, aanhef en onder a. van deze
verordening van toepassing.