Gedragingen van een belanghebbende waardoor de verplichting op grond van artikel 9 WWB, 9a van de WWB dan wel artikel 37 en 38 van de IOAW of artikel 37 en 38 van de IOAZ niet (tijdig) of onvoldoende is nagekomen, worden onderscheiden in de volgende categorieën:

  • - Eerste categorie:
  • - Tweede categorie:
    • - het niet tijdig overleggen van documenten en/of bewijsstukken die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de vaststelling van de verrichte inspanningen ten aanzien van het zoeken naar betaald werk;
    • - het niet voldoen aan de ontheffing verbonden re-integratieverplichtingen die een alleenstaande ouder heeft indien haar/hem op grond van artikel 9a WWB of artikel 38 IOAW/IOAZ een ontheffing van de arbeidsplicht is verleend;
    • - het niet op tijd komen op de werkplek voor het verrichten van naar vermogen opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de WWB of artikel 37 lid 1 onderdeel f van de IOAW/IOAZ, dan wel anderszins deze werkzaamheden niet naar vermogen uitvoeren.
    • - het niet verschijnen op een afspraak al dan niet bij een derde om op een bepaalde plaats en tijd te verschijnen in verband met de arbeidsinschakeling;
    • - gedragingen die de inschakeling in arbeid belemmeren;
    • - het niet of in onvoldoende mate meewerken aan een door het college aangeboden inburgeringsvoorziening;
  • - Derde categorie:
    • - het niet meewerken aan het opstellen, uitvoeren of evalueren van een plan van aanpak, genoemd in artikel 44a van de WWB;
    • - het niet of onvoldoende inspannen tot het verkrijgen van algemeen geaccepteerde arbeid;
    • - het niet of onvoldoende nakomen van de verplichting tot gebruik maken van geboden re-integratie-instrumenten, waaronder begrepen het onvoldoende meewerken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot arbeidsinschakeling, scholing, onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, een participatiebaan of vrijwilligerswerk;
  • - Vierde categorie:

    a.het tijdens de zoektijd van 4 weken als bedoeld in artikel 41 vierde lid van de WWBniet naar vermogen solliciteren en/of zoeken naar mogelijkheden in het door Rijks kasbekostigd onderwijs;

  • - het niet aanvaarden van onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, een participatiebaan of vrijwilligerswerk;
  • - het niet aanvaarden van algemeen geaccepteerde arbeid.