**1..** In een garantie wordt geen afstand gedaan van de voorrechten die wettelijk aan een borg toekomen.
**2..** In een garantie worden geen bedingen opgenomen die de aansprakelijkheid van de gemeente verhogen of uitbreiden boven of naast de aan de geldleningovereenkomst verbonden betaling van rente en aflossing.
**3..** De garantie wordt verleend tegen een door de geldnemer te betalen incidentele vergoeding. Deze vergoeding bedraagt 0,25% van de door de gemeente te garanderen som vermenigvuldigd met het aantal jaren waarvoor de lening wordt aangegaan met een maximum van € 50.000. Deze vergoeding te verdubbelen indien zo mogelijk geen recht van eerste hypotheek kan worden bedongen en de investering vanuit publiek belang noodzakelijk wordt geacht. Deze vergoeding wordt verder aangevuld met de kosten van het bij het besluit van de garantstelling aan te wijzen toezichthouder met een maximum van € 10.000 per jaar.
**4..** De garantie wordt verleend tegen de door de geldnemer ten behoeve van de gemeente te verstrekken (zakelijke) zekerheidsrechten.
**5..** De looptijd van de garantie is maximaal gelijk aan de technische levensduur van de objecten die de gemeente tot zekerheid strekken voor de verleende garantie waarop ook de lening is gebaseerd, tot een maximum van 30 jaar.
**6..** Indien de gemeente krachtens een garantie een betaling heeft verricht in de plaats van een in gebreke gebleven geldnemer, is de regresvordering van de gemeente in een eventueel faillissement van de geldnemer bevoorrecht op eventuele andere vorderingen die een geldverstrekker op de geldnemer heeft.