Een grondroerder die werkzaamheden wil verrichten, vraagt
daarvoor een instemmingsbesluit, als bedoeld in artikel 4, aan
bij het college.
Een grondroerder die werkzaamheden wil verrichten kan
vooroverleg voeren met het college om een aanvraag, als bedoeld
in het eerste lid, voor te bereiden.
Als de werkzaamheden ook betrekking hebben op gronden van een
andere gedoogplichtige dan de gemeente Oldebroek wordt uiterlijk
vier weken na ontvangst van de aanvraag, als genoemd in het
eerste lid, het college schriftelijk in kennis gesteld van de
uitkomsten van het (voor)overleg tussen de grondroerder en de
overige gedoogplichtige(n). Het bovenstaande geldt niet voor
zover artikel 5.5 van de Telecommunicatiewet van toepassing
is.
In geval van spoedeisende werkzaamheden, als bedoeld in
onderdeel l van artikel 1, volstaat een melding bij voorkeur
voorafgaand aan de start van de werkzaamheden. Als een melding
vooraf niet mogelijk is, moet de melding uiterlijk binnen één
werkdag na de start van de uitvoering gemotiveerd worden gedaan
aan het college.
Als werkzaamheden worden verricht in de gebieden die staan
aangegeven op een bij deze verordening behorende en als zodanig
gewaarmerkte kaart is de uitzonderingsbepaling voor spoedeisende
werkzaamheden, als bedoeld in het vierde lid, niet van
toepassing.
Hoofdstuk
Artikel 5
Aanvragen en melden
Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur