Het bepaalde in dit hoofdstuk is uitsluitend van toepassing op:
woonruimten met een huurprijs niet hoger dan de laatste door de minister c.q. staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM) vastgestelde maximale huurprijsgrens ingevolge de Wet individuele huursubsidie;
woonruimten met een koopprijs niet hoger dan € 181.512,09, met uitzondering van de woonruimten die vóór 1 juli 1985 zijn gereedgekomen (gewijzigd 25-03-2004);
door de gemeente uit te geven woningbouwkavels.