Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 37

Schriftelijke vragen

Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Zoetermeer

1.. Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. 2.. De vragen worden bij de griffier ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad en het college of de burgemeester worden gebracht. 3.. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen dertig dagen nadat de vragen zijn binnengekomen. Indien beantwoording niet binnen deze termijn kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het college of de burgemeester de vragensteller hiervan gemotiveerd en met opgave van een nieuwe termijn in kennis. De nieuwe termijn is niet langer dan 30 dagen na de ontvangst van dit bericht. Het bericht wordt behandeld als een antwoord. 4.. De antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de leden van de raad toegezonden. 5.. Indien het college niet binnen de daarvoor in lid 3 gestelde termijn de schriftelijke vragen heeft beantwoord, zal behandeling op de eerstkomende raadsvergadering na het verstrijken van die termijn plaatsvinden. 6.. De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raads- of commissievergadering, nadere inlichtingen vragen omtrent het door de burgemeester of college gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist.

Rechtspraak bij dit artikel