**1.** Tijdens elke raad is er een agendapunt mondelinge
vragen.
Een lid van de raad heeft het recht om mondelinge vragen aan
de burgemeester,wethouder en andere leden van de raad te
stellen.
Het lid van de raad dat tijdens dit agendapunt vragen wil
stellen, meldt de vragen de werkdag voorafgaand aan de
vergaderdag uiterlijk om 12.00 uur, schriftelijk bij de
voorzitter. De voorzitter kan na overleg met het presidium
de raad gemotiveerd voorstellen een onderwerp tijdens het
agendapunt mondelinge vragen niet aan de orde te stellen,
indien hij het onderwerp niet voldoende nauwkeurig acht
aangegeven, of indien het onderwerp in de raadsvergadering
op dezelfde dag aan de orde komt.
De voorzitter bepaalt de volgorde waarin de aangemelde
onderwerpen tijdens het agendapunt aan de orde komen.
Over de spreektijd per onderwerp voor de vragensteller, de
wethouder, de burgemeester en de overige leden van de raad
kan de voorzitter een orde voorstel doen aan de raad.
Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend
om een of meer vragen aan het college of de burgemeester te
stellen en een korte toelichting daarop te geven.
Na beantwoording door het college of burgemeester krijgt de
vragenstellerdesgewenst het woord om aanvullende vragen te
stellen.
Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden van de raad
het woord verlenen om, hetzij aan de vragensteller, hetzij
aan het college of de burgemeester vragen te stellen over
hetzelfde onderwerp.
Tijdens het agendapunt mondelinge vragen kunnen geen moties
worden ingediend en worden geen interrupties
toegelaten.
Hoofdstuk 5
Artikel 38
Mondelinge vragen
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen van de raad van de gemeente Zoetermeer