**1..** Het college ziet (onverminderd artikel 41, tweede lid, van de wet) af van het opleggen van een maatregel als:
**a..** elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt; of
**b..** de jongere geen voorziening meer ontvangt in de gemeente én de maatregelwaardige gedraging géén schending van de inlichtingenplicht betreft als gevolg waarvan ten onrechte een voorziening is verleend;
**c..** de betreffende gedraging 5 of meer jaren geleden heeft plaatsgevonden.
**2..** Het college kan afzien van het opleggen van een maatregel als de jongere zich beroept op de aanwezigheid van dringende redenen en het college deze inderdaad aanwezig acht.
**3..** Als het college afziet van het opleggen van een maatregel ontvangt de jongere daarvan een gemotiveerd schriftelijk besluit.