2.1
Voor voorzieningen die zijn toegekend op grond van de in artikel 2 van de Verordening voorzieningen Pekela genoemde te bereiken resultaten, wordt een eigen bijdrage in rekening gebracht tot 100% van de kostprijs, de financiële tegemoetkoming of het persoonsgebonden budget.
2.2
De eigen bijdrage mag (opgeteld) niet meer zijn dan de kostprijs van de voorziening;
Voor hulp bij het huishouden kan, binnen de inkomensafhankelijke grenzen, maximaal de kostprijs per uur worden gevraagd;
Bij een persoonsgebonden budget voor huishoudelijke hulp of individuele voorzieningen worden dezelfde eigen bijdragen gehanteerd als bij voorzieningen in natura;
Bij verstrekking van voorzieningen in natura mag maximaal 91 periodes een eigen bijdrage worden gevraagd.
Voor het verschaffen in eigendom van een roerende zaak of bouwkundige of woontechnische aanpassing aan een eigen woning mag maximaal 39 periodes van 4 weken (drie jaar) een eigen bijdrage gevraagd worden;
Personen onder de 18 jaar betalen geen eigen bijdrage.
2.3
De gebruiker van de voorziening collectief vraagafhankelijk vervoer, zoals bedoeld in artikel 15 van de Verordening betaalt een instaptarief en een tarief per kilometer. De gebruiker betaalt dit tarief aan de vervoerder. Het tarief kan worden geïndexeerd.
De omvang van de eigen bijdragen
2.4.
De bedragen die gelden voor een eigen bijdrage zijn gelijk aan de bedragen, zoals die jaarlijks worden aangepast door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De maximale bedragen zijn van toepassing. Jaarlijks worden door het college de dan geldende bedragen via de parameters aangemeld bij het CAK waar de wettelijke verantwoordelijkheid voor vaststelling en inning van de eigen bijdragen ligt.