Naar hoofdinhoud

Artikel 2.2

Handhaven

Onderdeel van Snippergroenbeleid

Bij handhaving wordt het in gebruik genomen perceel weer ter vrije beschikking aan de gemeente gesteld. Het ontruimen van het perceel kan plaatsvinden door de betrokkene zelf of, als wij over een rechterlijke machtiging beschikken, door de gemeentelijke onderhoudsdienst. Als een perceel grond vanuit stedenbouwkundig oogpunt of op grond van het onderhoud ter beschikking moet staan van de gemeente is ontruiming in beginsel noodzakelijk. Ontruiming is ook wenselijk als de grond wel aan de betrokkene te koop kan worden aangeboden, maar de betrokkene weigert de grond te kopen. Het is namelijk ongewenst dat degene die gemeentegrond in gebruik neemt, maar niet bereid is deze grond te kopen, ten koste van de algemene middelen het privé-bezit uitbreidt. Ontruiming van een perceel kan op verschillende manieren plaatsvinden: Betrokkene ontruimt op verzoek van de gemeente het perceel; Betrokkene ontruimt het perceel, nadat deze tot ontruiming is veroordeeld door de burgerlijke rechter; De gemeente ontruimt, met een rechterlijke machtiging, het perceel. In het gunstigste geval ontruimt betrokkene na een verzoek van de gemeente het perceel. Het komt echter veel vaker voor dat er discussie gevoerd moet worden om tot ontruiming te komen. Mensen beroepen zich op al dan niet controleerbare toezeggingen of vinden dat de gemeente al zo lang niet heeft opgetreden dat zij haar rechten heeft verspeeld. Indien een toezegging kan worden aangetoond dient hiermee zeker rekening te worden gehouden. Belangrijk is te weten door welk orgaan van de gemeente de toezegging is gedaan en of deze controleerbaar is. In deze gevallen kan overgegaan worden tot een bruikleenovereenkomst, deze wordt aangegaan met de eigenaar die een toezegging kan aantonen en zal niet overgaan op een nieuwe eigenaar. Indien een betrokkene niet vrijwillig het perceel ontruimt en er geen sprake is van verjaring dan is het aan de gemeente om haar bezit terug te vorderen. De gemeente is als eigenaar gerechtigd om de grond terug te vorderen van degene die deze in gebruik heeft genomen. Omdat het eigendom betreft is het burgerlijk recht van toepassing. Er staan de gemeente geen publiekrechtelijke rechtsmogelijkheden ter beschikking die hetzelfde resultaat tot gevolg hebben. Als op de in gebruik genomen grond illegaal is bebouwd of wanneer de grond in strijd met de bestemming wordt gebruikt dan kan er publiekrechtelijk te worden opgetreden. Op grond van de twee-wegenleer prevaleert publiekrechtelijk optreden boven privaatrechtelijk optreden. Er mag niet tegen illegale bouw of illegaal gebruik worden opgetreden middels het privaatrecht omdat de gemeente hiervoor publiekrechtelijke instrumenten heeft. Indien er na het publiekrechtelijk optreden nog steeds een inbreuk bestaat op het gemeentelijk eigendomsrecht dan zal alsnog ontruiming bij de burgerlijke rechter gevorderd worden. Het is niet mogelijk om zelf tot ontruiming over te gaan, op grond van het Burgerlijk Wetboek is rechterlijke tussenkomst noodzakelijk. De gemeente is ook bij het gebruik van privaatrechtelijk optreden gebonden aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, een zorgvuldige voorbereiding is daarom essentieel. Procedure bij handhaving Constatering dat gemeentegrond in gebruik is genomen; Constatering dat grond niet verkocht kan worden of men niet wil kopen; Eerste brief waarin wordt verzocht de grond te ontruimen en in oorspronkelijke staat op te leveren. Mogelijkheid tot zienswijzen; Een tweede brief volgt indien de grond niet binnen de gestelde termijn wordt ontruimd. In deze brief wordt nogmaals een termijn gegund, na verstrijken van deze termijn zullen we een advocaat opdracht geven tot dagvaarding; Dagvaarding volgt als de grond na de tweede gestelde termijn niet is ontruimd. Bij de burgerlijke rechter zal gevorderd worden de betrokkene te veroordelen tot het verwijderen en verwijderd houden van zijn zaken van de gemeentegrond en het herstel van de grond in oude toestand. Daarnaast zal een veroordeling in de proceskosten worden gevorderd. Om te voorkomen dat het vonnis niet uitgevoerd wordt, kunnen wij kiezen uit twee mogelijkheden: Vorderen dat de veroordeling om de grond te ontruimen en ontruimd te houden, geschiedt op straffe van een dwangsom; Vorderen om ons te machtigen om op kosten van de gedagvaarde de gemeentegrond te ontruimen, in het geval de gedagvaarde niet aan het vonnis voldoet. Het vorderen van een machtiging zou ertoe kunnen leiden dat de betrokkene de grond niet ontruimt, maar wacht totdat de gemeente de grond ontruimt. Onze voorkeur gaat dan ook uit naar optie 1, bovendien zal de dreiging van een dwangsom een extra impuls geven om aan het vonnis te voldoen. In alle gevallen komen de kosten voor de ontruiming en herstel in de oorspronkelijke toestand voor rekening van degene die het perceel in gebruik heeft genomen. Daarnaast wordt de verantwoordelijkheid voor bodemverontreiniging en overige schade(n) gelegd bij degene die het perceel in gebruik heeft genomen, ongeacht of ontruiming via de rechter of via minnelijk overleg geschiedt.

Rechtspraak bij dit artikel