1.De paragraaf betreffende het onderhoud van kapitaalgoederen bevat ten
minste de
volgende kapitaalgoederen:
wegen;
riolering;
water;
groen;
gebouwen.
Van de kapitaalgoederen, bedoeld in het eerste lid, wordt
aangegeven:
het beleidskader;
de uit het beleidskader voortvloeiende financiële
consequenties;
de vertaling van de financiële consequenties in de
begroting.