Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 3

Een afwijking van het bestemmingsplan is mogelijk onder de voorwaarden zoals hieronder is beschreven:

Onderdeel van Planologische afwijkingsmogelijkheden gemeente Wageningen

1.. Voor een bijbehorend bouwwerk binnen de bebouwde kom conform artikel 4 lid 1 sub a bijlage II Bor is een omgevingsvergunning mogelijk mits: de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen binnen of buiten het bouwvlak worden gebouwd, en; de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen minimaal 3 meter achter de voorgevel van het hoofdgebouw worden gebouwd, buiten het bouwvlak slechts op die gronden mogen worden gebouwd met dezelfde bestemming als de gronden waarop het hoofdgebouw is geplaatst; binnen het bouwvlak geldt geen maximale oppervlaktemaat. De gezamenlijke oppervlakte van de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen buiten het bouwvlak bij een hoofdgebouw bedragen niet meer dan: 30 m² voor bouwpercelen met een oppervlakte tot en met 150 m2, mits het bebouwingspercentage (vergunningsvrij en vergund) van het bouwperceel maximaal 60% bedraagt; 50 m2 voor bouwpercelen met een oppervlakte van 150 m2 tot en met 500 m2, mits het bebouwingspercentage (vergunningsvrij en vergund) van het bouwperceel maximaal 60% bedraagt; 75 m2 voor bouwpercelen met een oppervlakte groter dan 500 m2, mits het bebouwingspercentage (vergunningsvrij en vergund) van het bouwperceel maximaal 40% bedraagt; de goot- en bouwhoogte van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen respectievelijk niet meer dan 3,00 en 5,00 meter bedragen. 2.. Voor een bijbehorend bouwwerk bij een woning buiten de bebouwde kom conform artikel 4 lid 1 sub b bijlage II Bor, is een omgevingsvergunning mogelijk mits wordt voldaan aan de onderstaande eisen: de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen binnen of buiten het bouwvlak worden gebouwd, en; de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen minimaal 3 m achter de voorgevel van het hoofdgebouw worden gebouwd, buiten het bouwvlak slechts op die gronden mogen worden gebouwd met dezelfde bestemming als de gronden waarop het hoofdgebouw is geplaatst; binnen het bouwvlak geldt geen maximale oppervlaktemaat. De gezamenlijke oppervlakte van de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen buiten het bouwvlak bij een hoofdgebouw bedragen niet meer dan: 30 m² voor bouwpercelen met een oppervlakte tot en met 150 m2, mits het bebouwingspercentage (vergunningsvrij en vergund) van het bouwperceel maximaal 50% bedraagt; 50 m2 voor bouwpercelen met een oppervlakte van 150 m2 tot en met 500 m2, mits het bebouwingspercentage (vergunningsvrij en vergund) van het bouwperceel maximaal 50% bedraagt; 75 m2 voor bouwpercelen met een oppervlakte groter dan 500 m2, mits het bebouwingspercentage (vergunningsvrij en vergund) van het bouwperceel maximaal 40% bedraagt; de goot- en bouwhoogte van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen respectievelijk niet meer dan 3,00 en 5,00 meter bedragen. 3.. Voor een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening als bedoeld in artikel 4 lid 2 bijlage II Bor is een omgevingsvergunning mogelijk mits: niet hoger dan 5 meter, en; de oppervlakte niet meer dan 50 m2 bedraagt; 4.. Voor een bouwwerk geen gebouw zijnde als bedoeld in artikel 4 lid 3 bijlage II Bor is een omgevingsvergunning mogelijk mits voldaan wordt aan de volgende eisen: de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, is ten hoogste 10,00 meter; de oppervlakte niet meer bedraagt dan 50 m2. 5.. Voor eendakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw als bedoeld in artikel 4 lid 4 bijlage II Bor is een omgevingsvergunning mogelijk mits voldaan wordt aan het bepaalde in het Besluit omgevingsrecht. 6.. Voor een antenne installatie zoals bedoeld in artikel 4 lid 5 bijlage II Bor is een omgevingsvergunning mogelijk mits het past binnen het gemeentelijk antennebeleid. 7.. Voor een installatie bij een glastuinbouwbedrijf voor warmtekrachtkoppeling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder W, van de Elektriciteitwet 1998 is een omgevingsvergunning mogelijk zoals bedoeld in artikel 4 lid 7 bijlage II Bor mits de noodzaak is aangetoond en de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. 8.. Voor een installatie bij een agrarisch bedrijf waarmee duurzame energie wordt geproduceerd door het bewerken van uitwerpselen van dieren krachtens artikel 5, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet aangewezen eindproducten van een krachtens dat artikellid omschreven bewerkingsprocedé dat ziet op het vergisten van ten minste 50 gewichtsprocenten uitwerpselen van dieren met in de omschrijving van dat procedé genoemde nevenbestanden is een omgevingsvergunning mogelijk zoals bedoeld in artikel 4 lid 7 bijlage II Bor mits de noodzaak is aangetoond en de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd. 9.. Het gebruiken van gronden of bouwwerken ten behoeve van evenementen met een maximum van drie per jaar en een duur van ten hoogste vijftien dagen per evenement, het opbouwen en afbreken van voorzieningen t.b.v. het evenement hieronder begrepen is een omgevingsvergunning mogelijk zoals bedoeld in artikel 4 lid 8 bijlage II Bor mits er een mogelijkheid bestaat dat er een evenementenvergunning verleend kan worden. 10.. Voor het gebruiken van bouwwerken binnen de bebouwde kom, al dan niet in samenhang met inpandige bouwactiviteiten zoals bedoeld in artikel 4 lid 9 bijlage II Bor is een omgevingsvergunning mogelijk mits voldaan wordt aan de volgende eisen: Gebouw, woning of woongebouw zijnde: er wordt geen toestemming om af te wijken van het bestemmingsplan verleend voor het omzetten van een woning of woongebouw in een andere functie. kamerverhuur wordt per aanvraag bekeken zolang hier nog geen beleid voor is vastgesteld. Voor het gebruik van een aan- of uitbouw of aangebouwd bijgebouw als woonruimte ten behoeve van het ontvangen van mantelzorg: ontheffing wordt uitsluitend verleend voor percelen waarop een (dienst) woning aanwezig is, die krachtens het bestemmingsplan op de betreffende gronden toelaatbaar is; per bouwperceel is maximaal 1 aan-of uitbouw of aan de (dienst)woning gebouwd bijgebouw als mantelzorgvoorziening toegestaan; er wordt aangetoond dat er sprake is van mantelzorg. de specifieke beleidsregels voor aan- of uitbouwen of bijgebouwen, zoals opgenomen onder 3.1 en 3.2, worden in acht genomen; Gebouw, een woning een aan- of uitbouw of aangebouwd bijgebouw voor de uitoefening van een aan-huis gebonden beroep en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten zijnde: woonhuizen, al dan niet in combinatie met ruimte voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep op maximaal 30% van het bruto-vloeroppervlak van hoofdgebouwen, aan- en uitbouwen en bijgebouwen tot een maximum per woning van - 45 m² bij bouwpercelen tot 750 m²; - 60 m² bij bouwpercelen van 750 m² tot 1.500 m²; - 75 m² bij bouwpercelen vanaf 1.500 m²; Gebouw, geen woning of woongebouw kan slechts toestemming om af te wijken van het bestemmingsplan worden verleend indien de dringende noodzaak wordt aangetoond en de overwegingen om van het bestemmingsplan af te wijken zorgvuldig is onderbouwd. In de onderbouwing dient in ieder geval aangegeven te worden waarom: de nieuwe functie past binnen de omgeving; er geen onevenredige toename van de verkeersbelasting en de parkeerdruk in de omgeving ontstaat; de nieuwe functie geen onevenredige negatieve milieueffecten veroorzaakt voor de omgeving. er wordt geen toestemming om af te wijken van het bestemmingsplan verleend voor het veranderen van de gebruiksfunctie, recreatief woongebruik, naar een woongebruik voor permanente bewoning; Er kan toestemming om af te wijken van het bestemmingsplan worden verleend voor het exploiteren van een Bed & Breakfast indien het aan de volgende voorwaarden voldoet: het betreft een bedrijfsmatige activiteit in of bij een woning; er mag nachtverblijf worden verschaft aan maximaal 5 personen; de bed & breakfast mag niet als zelfstandige wooneenheid functioneren, waartoe realisatie van een aparte kookgelegenheid niet is toegestaan; er wordt voldaan aan artikel 3 lid 10 sub c en sub d onder 2; inzake het toegestane vloeroppervlak voor de bedrijfsmatige activiteit, mogen ruimtes die gemeenschappelijk worden gebruikt buiten beschouwing worden gelaten. 11.. Er kan toestemming om af te wijken van het bestemmingsplan worden verleend voor het wijzigen van het gebruik van een recreatiewoning conform artikel 4 lid 10 bijlage II Bor, mits de noodzaak is aangetoond en de overwegingen om af te wijken zorgvuldig zijn onderbouwd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel