Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.1.2

Vervoer voor bewoners in een AWBZ instelling

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning

Voor ondersteuningsbehoevenden die verblijven in een AWBZ-instelling geldt (Regeling sociaal vervoer AWBZ-instellingen) dat buiten de werkingssfeer van de WMO blijven de vervoerssoorten die vanuit de AWBZ dan wel het Besluit Zorgverzekering vergoed worden: Vervoer dat past in de behandeling/therapie; Vervoer naar dagbehandeling in verpleeghuizen en dagopvang in verzorgingshuizen, onder meer in het kader van substitutieprojecten; Vervoer van door de instelling georganiseerde recreatieve activiteiten; Vervoer dat noodzakelijk is voor de opname in de instelling en bij ontslag uit de instelling; Vervoer vanuit de instelling naar een ziekenhuis of therapeut. De gemeente blijft wel verantwoordelijk voor vervoersvoorzieningen ten behoeve van deelneming aan het maatschappelijk verkeer van de in de gemeente woonachtige gehandicapten. Bewoners van AWBZ-instellingen kunnen in aanmerking komen voor deelname aan het c.v.v. Een apart probleem voor de inwoners van AWBZ instellingen is het zgn. weekendvervoer. Indien een gehandicapte voor het onderhouden van wezenlijke contacten aangewezen is op vervoer naar een locatie buiten de regio kan het zijn dat er een tegemoetkoming in de kosten moet worden verstrekt.  Dit geldt alleen als er voor  bovenregionaal vervoer geen gebruik kan worden gemaakt van Valys. Indien de gehandicapte is aangewezen op een vergoeding van de gemeente voor het onderhouden van zijn contacten buiten de regio moet het volgende worden overwogen: In welke mate moet de gehandicapte in de gelegenheid worden gesteld om contacten buiten de regio te bezoeken, ervan uitgaande dat diegene met wie contact wordt onderhouden ook de gehandicapte in de instelling opzoekt. De helft van het aantal noodzakelijke bezoeken komt dan voor rekening van de gemeente. In hoeverre is de gehandicapte in staat om alleen te reizen of is begeleiding bij het vervoer nodig. Als begeleiding nodig is dan moet beoordeeld worden of van de begeleider verwacht kan worden dat hij met het openbaar vervoer naar de instelling komt om met de gehandicapte mee te reizen.  Zo ja, dan kan 2 x de enkele reisafstand worden vergoed, zo nee dan moet de enkele reisafstand 4 x worden vergoed. Reiskosten worden op basis van het aantal kilometers vergoed conform de vergoedingen voor medisch ziekenvervoer in het besluit Zorgverzekering (2006: € 0,24 per km) Om tot een goede indicatie te komen dient een deskundige (CIZ, behandelend arts, psycholoog, psychiater), vast te stellen of er sprake is van wezenlijke noodzakelijke contacten buiten de instelling, die alleen door persoonlijk bezoek kunnen worden onderhouden en zonder welke vereenzaming of sociaal isolement optreedt.

Rechtspraak bij dit artikel