De gemeente kent het primaat van collectief vervoer.Eerst zal gekeken moeten worden of de ondersteuningsbehoevende gebruik kan maken van collectief aanvullend al dan niet openbaar vervoer. Als een ondersteuningsbehoevende niet van een dergelijk systeem gebruik kan maken of als het systeem onvoldoende tegemoet komt aan de vervoersbehoeften, zijn andere voorzieningen mogelijk. Het is niet mogelijk om in plaats van het c.v.v. een pgb (vervoerskostenvergoeding) te ontvangen. Het c.v.v. kan beschouwd worden als een soort algemene voorziening.
Per 1 januari 2006 wordt het collectief vervoer verzorgd door Taxbus. De systeemkenmerken zijn te vinden in het bestek en het contract. Globaal kan het systeem als volgt worden omschreven:
het vervoersgebied omvat 5 zones vanaf de woonplaats van de ondersteuningsbehoevende, inclusief zones in België. Niet voor alle gemeenten liggen binnen dit gebied de ziekenhuizen en stations. Daarom zijn er de volgende puntbestemmingen (bestemming waar men gesubsidieerd naar toe kunt reizen)
Voor de inwoners van Bergeijk: ziekenhuizen in Eindhoven en Veldhoven, station Eindhoven
Voor de inwoners van Bladel: ziekenhuizen en stations in Tilburg en Eindhoven, alle bestemmingen in Veldhoven
Voor de inwoners van Eersel: alle bestemmingen in de gemeente Eindhoven
Voor de inwoners van Oirschot: centrum Eindhoven, Catharina Ziekenhuis Eindhoven, Tilburg Zuid (Elisabeth ziekenhuis en station/centrum), Veldhoven (MMC en Citycenter)
Voor de inwoners van de gemeente Reusel-De Mierden: ziekenhuizen en stations in Tilburg en Eindhoven en alle bestemmingen die gelegen zijn in de zone in Veldhoven waarin het citycentrum en ziekenhuis gelegen zijn.
per zone wordt het bedrag van één OV-strip in rekening gebracht + een instapstrip tegen normaal striptarief (per 1-1-2008 = € 0,45). Met een daartoe geïndiceerde ondersteuningsbehoevende reist de medisch begeleider gratis mee. Iedere ondersteuningsbehoevende kan zich laten vergezellen door een sociaal begeleider die voor het vervoer dezelfde prijs betaalt als de ondersteuningsbehoevende. Een ondersteuningsbehoevende kan jaarlijks 700 strips gebruiken. (of 350 zones tussen 1,5 norminkomen en € 1000,00 daarboven);
De toekenning gaat in op de eerste dag van de maand waarin de aanvraag heeft plaatsgevonden en wordt beëindigd op de dag waarop het recht daadwerkelijk eindigt;
ritten kunnen aangevraagd worden via een gratis telefoonnummer;
ritten worden uitgevoerd met een marge van 15 minuten vóór en na de afgesproken tijd. Er kunnen ook prioriteitsritten worden gereden: er is dan een vaste aankomsttijd met eenmarge van15 minuten vóór de aankomsttijd;
rolstoelen en scootmobiels kunnen gratis mee vervoerd worden;
de taxichauffeur begeleidt de ondersteuningsbehoevende van deur tot deur.
Gezinspas
In zijn algemeenheid worden gehandicapte kinderen tussen 4 en 13 jaar met een eigen vervoersbehoefte (de vervoersbehoefte van kinderen tot 4 jaar valt altijd samen met de vervoersbehoefte van de ouder) begeleid bij het reizen. Hoewel de begeleiding van het gehandicapte kind ook door de chauffeur zou kunnen geschieden, wordt het redelijk geacht dat de ouder(s) gezamenlijk met het gehandicapte kind en diens broers/zussen kan/kunnen reizen. Dit geldt ook voor de gehandicapte ouder tot wiens gezin een of meer kinderen jonger dan 13 jaar behoren. Aan deze gezinnen kan een “gezinspas” worden toegekend, zodat ouders en kinderen gezamenlijk met het CVV kunnen reizen.
Een gehandicapte die een inkomen heeft hoger dan 1,5 x het norminkomen + € 1000,00 komt niet voor het collectief vervoersysteem in aanmerking (art. 5.4 lid 2 VMO). Tussen 1,5 x het norminkomen en € 1000,00 daarboven; 350 zones op jaarbasis.
Voor rolstoelgebruikers, die ook in de rolstoel vervoerd moeten worden, is geen inkomensgrens voor deelname aan het collectief vervoersysteem (art. 5.4 lid 3 VMO)
Indien het c.v.v. toch gebruikt wordt voor ziekenvervoer (van en naar medische behandelaars) wordt een soepel beleid gehanteerd. Gebruik van het c.v.v. voor deze doeleinden wordt, gelet op de beperkingen die de ziektekostenverzekeraar daaraan stelt, toegelaten maar kan geen reden zijn om extra zones op jaarbasis toe te kennen.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.2.2
Het collectief vraagafhankelijk vervoersysteem
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning