Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV

Artikel 20

Vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen

Onderdeel van verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden

1De vergoeding voor het deelnemen aan de vergaderingen van een commissie en haar subcommissies bedoeld in artikel 14 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden is gelijk aan het door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voor gemeenteklasse 2 vastgestelde maximum. 2 Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op degene die als lid van een commissie een vaste vergoeding voor de werkzaamheden als bedoeld in artikel 96, lid 2 van de Gemeentewet ontvangt. 3 Geen vergoeding ontvangt degene die zitting heeft in een commissie a als raadslid of wethouder; b uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een ambtelijke of bestuurlijke hoedanigheid dan wel van een functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd; c als vertegenwoordiger van een belanghebbende instelling, organisatie of groepering, tenzij zijn lidmaatschap van de commissie tevens in belangrijke mate het gemeentelijk belang dient.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel