Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2

Artikel 7.

Draagkrachtberekening

Onderdeel van Beleidsregels Inkomensondersteuning Lansingerland 2014

1.. Voor de bepaling van het inkomen worden alle inkomsten van de aanvrager en diens gezin bij elkaar geteld, voorzover die niet op grond van artikel 31 lid 2 van de Wet werk en bijstand buiten beschouwing worden gelaten. 2.. Dit bedrag wordt vermeerderd met de van toepassing zijnde heffingskortingen, zoals bedoeld in hoofdstuk 8 van de Wet inkomstenbelasting 2001, met uitzondering van die genoemd in artikel 31, tweede lid, sub c van de Wet werk en bijstand. 3.. Over dit bedrag wordt de vakantietoeslag berekend volgens de door de minister vastgestelde percentages in de Regeling WWB. 4.. Op dit bedrag worden de werkelijke woonlasten, voorzover deze meer bedragen dan de maximale huurgrens ingevolge de Wet op de huurtoeslag, in mindering gebracht indien belanghebbende noodgedwongen met hoge woonlasten wordt geconfronteerd (bijvoorbeeld door een echtscheiding) voor de duur van maximaal een jaar, mits niet al op enige andere wijze compensatie voor deze kosten wordt verkregen. 5.. Op het bedrag dat aldus is ontstaan wordt 115% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm, inclusief de van toepassing zijnde toeslag of verlaging volgens de gemeentelijke Toeslagenverordening in mindering gebracht. Het resultaat is de draagkrachtruimte. 6.. Een draagkrachtpercentage van 35% geldt voor kosten voor duurzame gebruiksgoederen die in het kader van de bijzondere bijstand worden vergoed. 7.. Een draagkrachtpercentage van 100% geldt voor alle andere kosten die in het kader van de bijzondere bijstand worden vergoed. 8.. Met in het draagkrachtjaar verstrekte langdurigheidstoeslag wordt bij een aanvraag bijzondere bijstand geen rekening gehouden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel