Voor toepassing van deze regelingen wordt verstaan onder:
medewerker: De ambtenaar als bedoeld in artikel 1:1, eerste lid onder a van de CAR;
werkgever: het college van burgemeester en wethouders;
betrekking: het geheel van werkzaamheden dat door de medewerker is te verrichten;
beoordeling: de eindbeoordeling als bedoeld in de Regeling HRM gesprekken 2.0;
jaarsalaris: 12 maal het salaris per maand, als bedoeld in artikel 3:1, tweede lid onder b van de CAR;
leidinggevende: de direct leidinggevende van de medewerker; deze geeft leiding aan de medewerker en is verantwoordelijk voor de ontwikkeling en beoordeling van de medewerker;
salarisschaal: de schaal als bedoeld in artikel 3:1 lid 2 sub a en bijlage IIa van de CAR-UWO;
aanloopschaal: de aanloopschaal is de salarisschaal die één schaal onder de feitelijk salarisschaal waarin de betreffende functie is ingeschaald, ligt;
uitloopschaal: één schaal hoger dan de functieschaal als bedoeld in artikel 3:1, tweede lid onder a, van de CAR;
periodiek: een aanduiding zijnde een getal dat bij de salarisschaal (zie bijlage IIa CAR/UWO) voor het salaris is vermeld;