Naast de gevallen genoemd in dit beleid waarin standaard een bibob-toets zal plaatsvinden, kan het bestuursorgaan/ de gemeente overgaan tot een bibob-toets bij alle verleende of te verlenen beschikkingen (vergunningen, ontheffingen, subsidies), overheidsopdrachten en vastgoedtransacties waarvoor het op grond van de Wet Bibob mogelijk is een bibob-toetsing toe te passen, indien:
een ambtenaar is gechanteerd, omgekocht of bedreigd of pogingen daartoe zijn gedaan;
er een vermoeden is van valsheid in geschrifte;
er aanwijzingen zijn dat de vergunning/ subsidie/ aanbesteding/ vastgoedtransactie zal worden gebruikt voor het plegen van strafbare feiten of het witwassen van zwart/ crimineel geld;
er signalen zijn vanuit politie, justitie of de regionale informatie- en expertisecentra (RIECs) die er op duiden dat een betrokkene in relatie staat tot strafbare feiten die reeds zijn gepleegd, of naar redelijkerwijs op grond van feiten of omstandigheden kan worden vermoed, gepleegd zullen worden;
er overige ambtelijke, bestuurlijke of strafrechtelijke informatie is die aanleiding geeft om een bibob onderzoek in te stellen;
bij navraag bij het LBB blijkt dat over de aanvrager van een beschikking in de afgelopen twee jaar advies is uitgebracht dan wel een adviesaanvraag in behandeling is genomen bij het LBB;
er vanuit het Openbaar Ministerie informatie verkregen wordt als bedoeld in artikel 11 en 26 van
de wet.
Paragraaf 2:
Artikel 2.1a
Toepassing in bijzondere situaties
Onderdeel van Beleidslijn Bibob 2014 Gemeente Waalwijk