Lid 1

Behoudens de uitzondering in CAR-UWO artikel 3:3:1 tweede volzin wordt aan de medewerker een toelage toegekend indien

  • - hij ingevolge een schriftelijke aanwijzing van de leidinggevende
  • - zich op basis van vooraf aangewezen bereikbaarheids- of beschikbaarheidsdiensten
  • - regelmatig buiten de voor hem of haar geldende werktijden bereikbaar en beschikbaar moet houden teneinde bij oproep arbeid te verrichten.

Lid 2

De toelage zoals bedoeld in het eerste lid bedraagt per week bereikbaarheid- en beschikbaarheidsdienst 7,12% van het maximum van salarisschaal 5. Indien de duur van de bereikbaarheid- en beschikbaarheidsdienst minder dan één week is, geldt de toelage naar rato van het aantal (bereikbaarheids)dagen.

Lid 3

De uren waarop de medewerker tijdens de bereikbaarheid- en beschikbaarheidsdienst en buiten kantoortijden (op werkdagen vóór 07:00 uur en na 18:00 uur, in het weekend en op feestdagen) daadwerkelijk arbeid moet verrichten ten behoeve van de werkgever, worden aangemerkt als overwerkuren, zoals bedoeld in artikel 16 van deze regeling.

Lid 4

De medewerker voor wie naar het oordeel van de werkgever bij de vaststelling van de bezoldiging of bij de regeling van de overige rechtstoestand rekening is gehouden met bereikbaarheids- of beschikbaarheidsdienst komt niet in aanmerking voor een toelage als in dit artikel bedoeld (bijvoorbeeld bij toegekende garanties voor een dergelijke dienst).

Lid 5

Leidinggevenden en medewerkers met kanspiket hebben voor hun deelname aan de crisisorganisatie geen recht op een toelage bereikbaarheid- en beschikbaarheidsdienst.