Naar hoofdinhoud
Vrijhouden terreingedeelten De statafels e.d. dienen zodanig te worden opgesteld, dat de vrije doorgang naar en vanuit uitgangen en nooduitgangen van de aan de straten gelegen panden blijft gehandhaafd; brandkranen en brandputten moeten voor de brandweer vrij en goed bereikbaar worden gehouden. Indien er gebruik wordt gemaakt van brandkranen en/of andere waterwinplaatsen moet dit gebruik zodanig plaatsvinden, dat de brandweer te allen tijde zonder enige vertraging volledig gebruik kan maken van deze waterwinplaatsen. Ten behoeve van het verkeer van de hulpverlenende diensten (politie, brandweer, ambulance) moet een route met een breedte van tenminste 3,50 m. en een hoogte van 4,20 m. worden vrijgehouden. Hekwerken die deze route blokkeren moeten snel en gemakkelijk verwijderd kunnen worden. Elektrische installatie 4. De elektrische installatie moet voldoen aan het gestelde in de normbladen NEN 1010 en aan de voorschriften van het nutsbedrijf. Installaties 5. Kabels en snoeren moeten, in geval deze over de vloer lopen, met goede plakstrips worden afgeplakt, en wel zodanig dat struikelen en/of vallen wordt voorkomen. Blusmiddelen 6. De blusapparaten moeten voor direct gebruik gereed zijn. Ze dienen bij voorkeur in de nabijheid van het bedienende personeel te worden geplaatst. De aanwezige handbrandblusapparaten dienen een inhoud te hebben van tenminste 6 kg blus stof elk. Tevens moeten de blusapparaten zijn voorzien van een geldig keurmerk. Werkzaamheden 7. Bij het verrichten of doen verrichten van werkzaamheden, waarbij brandgevaarlijke stoffen of gereedschappen worden gebruikt, waarvan het gebruik aanleiding kan geven tot het ontstaan van brand, moeten voldoende maatregelen zijn getroffen tegen het ontstaan van brand. Versieringen (Inrichting) Versieringen mogen niet op zodanige wijze zijn aangebracht of opgesteld, dat zij: het bereiken van een uitgang belemmeren; het gebruik van een vluchtweg belemmeren; de beweging van een deur belemmeren; veiligheidsaanduidingen, blusmiddelen en de nood- of transparantverlichting onzichtbaar of onbereikbaar maken; in contact kunnen komen met spots of andere warm wordende apparatuur (bv terrasheaters) waarvan de oppervlakte temperatuur meer dan 80°C bedraagt. Tussen het vloeroppervlak van een ruimte en de aangebrachte stoffen of voorwerpen die dienen voor de inrichting, versiering, bekleding of voor reclame doeleinden moet een ruimte van minimaal 2,50 meter vrij blijven. Gordijnen en andere verticaal aangebrachte stofferingen (bv vlaggen) moeten tenminste 0,10 meter vrij van de vloer hangen. Van genoemde producten mag de navlamduur ten hoogste 15 seconden en de nagloeiduur ten hoogste 60 seconden bedragen (conform NEN-EN-ISO 6940 en 6941). De aangebrachte stoffen, versieringen e.d. mogen niet gemakkelijk ontvlambaar zijn en bij verbranding niet veel rook en/of giftige of verstikkende gassen ontwikkelen. In geval van brand mag geen druppelvorming plaatsvinden. Het gebruik van onbehandelde netten, papieren slingers, onbehandeld golfkarton, tempex en het gebruik van (landbouw)plastic e.d. is niet toegestaan. Netten e.d. materialen dienen zodanig te zijn opgehangen dat deze niet over aanwezigen kunnen vallen (bevestiging bijvoorbeeld met staaldraad). Melding en alarmering 14. De alarmeringsvoorziening voor de gasten moet te allen tijde voor onmiddellijk gebruik beschikbaar zijn.

Rechtspraak bij dit artikel