De gemeente Midden-Delfland heeft bij terugvorderingen het uitgangspunt dat de belanghebbende de gehele vordering binnen de geboden betalingstermijn moet voldoen. Indien na vaststelling van de betalingstermijn, zich omstandigheden voordoen waarbij de belanghebbende, al dan niet tijdelijk, niet aan zijn betaalverplichting kan voldoen, kan het college besluiten tot uitstel van betaling.
Indien besloten wordt tot uitstel, dient belanghebbende op grond van het tweede lid eerst zijn beschikbare aflossingscapaciteit aan te wenden voor het aflossen van de openstaande schuld. Hiertoe vindt een debiteurenonderzoek plaats, waarbij de belanghebbende inzage moet geven in zijn financiën en met schriftelijke bewijsstukken moet aantonen waarom hij tijdelijk niet in staat is af te lossen. In geval van een fraudevordering dient ook het aanwezige vermogen voor aflossing van de schuld aangewend te worden. Indien belanghebbende hier niet aan meewerkt, vindt geen uitstel van betaling plaats.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 6.
Uitstel van betaling
Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering en verhaal gemeente Midden-Delfland 2014