Na de opening van de raadsvergadering is er een vragenhalfuur voor de leden,
tenzij er bij de voorzitter geen vragen zijn ingediend.
De vragen dienen betrekking te hebben op belangrijke en actuele onderwerpen en
ook voor publiek en pers van belang te zijn. Het karakter van de vragen dient
informatie-uitwisselend te zijn.
Het lid van de raad dat tijdens het vragenhalfuur vragen wil stellen, meldt de
vraag of de vragen tenminste 24 uur voor aanvang van het vragenhalfuur via de
griffier bij de voorzitter.
De voorzitter kan weigeren een vraag tijdens het vragenhalfuur aan de orde te
stellen indien hij de vraag niet voldoende nauwkeurig acht, de vraag niet voldoet
aan de uitgangspunten genoemd in lid 2, of indien het onderwerp waarop de vraag
vragen betrekking heeft in de raadsvergadering van die dag aan de orde komt.
De voorzitter bepaalt de volgorde, waarin aangemelde vragen tijdens het
vragenhalfuur aan de orde worden gesteld.
Na de beantwoording door het college krijgt de vragensteller desgewenst het
woord om aanvullende vragen te stellen.
Vervolgens kan de voorzitter aan andere leden het woord verlenen om hetzij aan
de vragensteller, hetzij aan het college vragen te stellen over hetzelfde
onderwerp.
De voorzitter bepaalt de spreektijd voor de vragensteller(s), het college en
voor de overige leden.
Tijdens het vragenhalfuur kunnen geen moties worden ingediend en worden geen
interrupties toegelaten.
Hoofdstuk 4
Artikel 40
Vragenhalfuur
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad van Opsterland 2014